Navigatie overslaan
link050 Home
  • Besturenloket
  • Bedrijven
  • Workshops
Account aanmakenLog in

Contact

  • Herestraat 100, 9711 LM Groningen, Nederland
  • info@link050.nl
  • 050 – 3051 900

link050

  • Voor vrijwilligers
  • Voor organisaties
  • Voor bedrijven
  • Veelgestelde vragen
  • Over ons
  • Openingstijden

Doe mee

  • Vacatures / trainingen
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Cookies

Powered by Deedmob tools
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | maart 2024 | Vrijwilligersverhalen | 2 min lezen

Twee heel verschillende maatjes

Door

Johnno Bosma

“Is dit vrijwilligerswerk als maatje wel iets voor me? Je weet niet aan wie je gekoppeld wordt en misschien vind je het helemaal niet leuk en hoe ga je dat dan aanpakken?” Ik vermoed dat die gedachte zo’n beetje door Rosalies hoofd ging toen ze zich in september bij Humanitas aanmeldde als maatje. Maar nu zegt ze “Ik vind het echt leuk” en ze denkt erover het contact te onderhouden ook als haar stage in juni afloopt. Want Rosalie doet dit voor haar stage (acht uur per week) van haar opleiding Social Work aan de Hanzehogeschool. Ze is maatje van een meneer met dementie èn van een meisje van ongeveer haar eigen leeftijd.

Een jeugdig stel

Het contrast tussen de twee mensen vind ze juist heel leuk. “Ik drink altijd eerst een kopje thee met het echtpaar, dan praten we wat over onze week en daarna ga ik wandelen met Teun. Hij heeft dan hele verhalen over de wijk en de mensen in de buurt waar hij al 40 jaar woont. Ik merk dat zijn vrouw ook behoefte heeft aan een luisterend oor. “Maar als mevrouw in het bijzijn van haar man vertelt hoe moeilijk ze het heeft met zijn achteruitgang vind ik dat lastig, daar ga ik inhoudelijk dan niet op in want ik merk dat hij er ongemakkelijk onder is. Het is een leuk en nog jeugdig stel, ze zijn 75, en ze zijn ook heel belangstellend naar mijn leven, ik stuur ze wel eens foto’s als ik bij familie ben geweest dat vinden ze leuk.  Het is echt een wederkerig contact.”

Een wederkerig contact

Het contact met het meisje ( ze is 19 jaar) is net zo goed wederkerig: “We zijn twee meiden onder elkaar en hebben ook zo onze lolletjes en herkennen elkaars humor. Het meisje heeft behoefte aan een maatje omdat ze geen contact met haar familie heeft en ze erg eenzaam is. Ze loopt bij de GGZ vanwege een diagnose.” Ze ontmoeten elkaar in het kattencafé en praten wat. “Ze wil haar ei kwijt, we praten over dingen waar ze het moeilijk mee heeft. Ze doet MBO2 en mist de aansluiting met klasgenootjes omdat ze niet rookt, drinkt of uitgaat en ze vindt het moeilijk om alleen te zijn.” Zo te horen is het een kwetsbaar meisje en daar is Rosalie zich wel van bewust. “Ik wil niet dat ze in het zware stuk blijft hangen dus probeer ik na een tijdje over te schakelen naar een positiever onderwerp. Ik wil ook niet in de rol komen van een tweede therapeut en met mijn soort opleiding heb je die neiging wel.” Rosalie geniet ook van dit contact: “Als je ziet dat ze in het begin stil en terughoudend is en aan het eind van de dag hele verhalen kan houden dan doet mij dat goed. En ze vraagt ook naar mij, mijn school of datinglife dus we hebben wel een vriendschappelijk klik.” Toch bijzonder hoe je begint als maatje en eindigt met een vriendin.

Humanitas zoekt altijd maatjes, klik hier voor het overzicht.

tekst: Jeanet Verveer
Foto: Rosalie 

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Een chauffeur die het verschil maakt

| Vrijwilligersverhalen

Een grote man met een zachtaardige uitdrukking lacht me vriendelijk toe wanneer ik het kantoor van Stichting WelMobiel binnenstap. Hessel Boersma (69) werkt sinds 2021 als chauffeur bij de stichting. De naam zegt het eigenlijk al, door deze organisatie kunnen ouderen en mensen die minder mobiel zijn, toch de deur uit en op plekken komen waar steeds minder bussen rijden. Het werkt als volgt. In de verschillende wijken staat een elektrische auto gereed. Alle chauffeurs hebben een speciale app waarmee ze kunnen zien welke ritten er zijn gepland, en wanneer deze plaatsvinden. Zo staat er in Hoogkerk ook een auto gereed. Voor Hessel heel handig want hij loopt zo vanuit zijn huis naar de auto. Omdat er nog niet in alle wijken een auto gereed staat, moeten sommige chauffeurs vanuit hun huis eerst een stukje fietsen naar de plek van de auto. Bij de auto aangekomen, wordt de deur geopend en gesloten met dezelfde slimme app. Dit werkt heel goed, want chauffeurs hoeven nu onderling geen sleutels meer uit te wisselen. Hessel geniet zichtbaar van zijn werk. Als hij praat, is duidelijk waarom dit werk goed bij hem past. Hij vraagt of ik het televisieprogramma ‘Taxi’ ken, waarin Joris Linssen hetzelfde werk doet als Hessel, namelijk mensen van A naar B brengen. De interactie met deze mensen is waar het Hessel om gaat. Het zijn gewone mensen met alledaagse verhalen en toch is het bijzonder als iemand iets persoonlijks deelt wat hem of haar bezighoudt. Soms is enkel luisteren al genoeg en is dat net wat iemand nodig heeft. De bestemming van de passagiers kan ook erg verschillen. Van het bezoeken van een vriend of vriendin, boodschappen doen in het winkelcentrum, tot een bezoek aan het ziekenhuis. Dat laatste kunnen ingrijpende bezoeken zijn. Voor mensen die dan thuiskomen in een leeg huis, “de muren praten immers niet terug,” aldus Hessel, kan een vriendelijk gesprek met de chauffeur heel veel verschil maken. Er werken totaal zo’n 40 chauffeurs en 7 personen op kantoor bij de stichting. Het zijn vrijwilligers maar ook mensen met een participatiebaan. Nieuwe collega’s worden zorgvuldig ingewerkt. Dat doen de chauffeurs met elkaar. Ze rijden eerst mee en wanneer ze er aan toe zijn, verzorgen ze zelf ritten. “Je moet natuurlijk wel van autorijden houden,” grapt Hessel. Maar je moet ook vertrouwd kunnen rijden, geïnteresseerd zijn in je medemens en een luisterend oor kunnen bieden. Hessel werkt 2 dagdelen à 4 uur. Dat past hem goed omdat hij ook tijd wil overhouden om andere dingen te doen. Met zijn vrouw of met de kleinkinderen. Op het werk organiseert hij trouwens ook activiteiten. Samen met collega’s organiseert hij ieder jaar een leuke activiteit voor het hele team. Als chauffeur ben je natuurlijk altijd op pad en tref je je collega’s niet vaak. Juist daarom is het belangrijk elkaar ook op een andere manier te zien. En een gezellige pubquiz of met z’n allen bowlen leent zich daar goed voor. Tekst & foto: Esther Halma
Lees meer

“Op zoek naar een kook-fanaat met know-how”

| Vrijwilligersverhalen

In de Rivierenbuurt in het gebouw waar vroeger het Talmahuis was, is tegenwoordig het Multifunctioneel Centrum (MFC) De Stroming gehuisvest. Dit wijkcentrum biedt tal van creatieve activiteiten, zoals een biljart- en een spelletjesmiddag en een avondje bridgen. Op werkdagen kun je er terecht voor een lunch, en op donderdag zelfs voor een warme maaltijd. Inez Grondhuis Inez heeft een jarenlange horeca-ervaring in Groningen en Amsterdam, vooral op het gebied van management. Toen ze nog niet zo lang geleden met pensioen ging, wilde ze haar expertise graag blijven inzetten vanuit de gedachte: “Ik heb de maatschappij nog wel wat te bieden.”  Daarom doet ze ook vrijwilligerswerk in de keuken van een zorginstelling. Toen kwam ze de oproep tegen voor een hobbykok bij De Stroming. Structuur aanbrengen Inez heeft zich het afgelopen jaar vooral toegelegd op het aanbrengen van structuur in de keuken. Daar was naar haar overtuiging behoefte aan en ze hoort binnen het bedrijf dat haar initiatieven gewaardeerd worden. Inez: “Wat ik hier probeer neer te zetten moet voor iedereen herhaalbaar en uitvoerbaar zijn, iedereen moet het kunnen nadoen.” Nu zou Inez wel wat meer variatie willen aanbrengen in het menu. Dat geldt niet alleen voor de warme maaltijd maar ook voor de lunch. “De gasten zijn hier gauw tevreden, een stamppotmaaltijd, een pasta of snert zijn favoriet. Maar soms ben ik wat ondeugend en kom ik onverwacht met iets nieuws. Zo heb ik vandaag heb ik een Thaise bonensoep gemaakt en de gasten vonden het heerlijk.” Nieuwe keuken Maar een meer gevarieerd menu is alleen mogelijk als de keuken vernieuwd wordt. “Gelukkig wordt de keuken binnenkort aangepakt. Er komt bijvoorbeeld een nieuwe afzuiginstallatie. Het moet ook. Je moet meegaan met je tijd en de hygiënevoorschriften zijn er niet voor niets. Ik moet er niet aan denken dat mensen die hier de maaltijd gebruiken ziek worden omdat wij ons niet aan de regels hebben gehouden.” Inez merkt dat haar inbreng al resultaten geeft en dat stemt haar positief voor de toekomst. Wat moet een hobby-kok doen? In De Stroming komen elke donderdag ongeveer 50 mensen op de warme maaltijd af: buurtbewoners, kantoorpersoneel, maar ook studenten. Om iedereen tegelijk een goed gerecht te kunnen serveren, moet de kok strak plannen. Boodschappen moeten op tijd worden gedaan, en soms vraagt de maaltijd al om voorbereiding op een eerder moment. Inez: “Het zou mooi zijn als hier een kook-fanaat met veel know-how zou solliciteren. Dat zou de kwaliteit van ons diner enorm kunnen verhogen. En natuurlijk krijgt de nieuwe vrijwilliger alle steun van de andere medewerkers!” Verbinden Samen eten is erg waardevol. Het verbindt mensen. Het is een sociaal gebeuren en als het eten dan ook nog heel lekker is, is dat mooi meegenomen. Inez: “En zelfs als het eten niet smaakt, is er tenminste nog iets om over te klagen, en dat werkt ook verbindend,” zo zegt Inez lachend aan het einde van ons gesprek. Een hobbykok gevraagd Het centrum is al langere tijd op zoek naar een goede hobbykok. Een jaar geleden solliciteerde Inez Grondhuis op deze vacature, maar in de afgelopen periode heeft zij een andere invulling aan haar taak binnen De Stroming gegeven, zodat deze functie nog steeds niet is ingevuld. Tekst & foto: Jan de Koning 
Lees meer

Samen naar buiten en ontdekken!

| Vrijwilligersverhalen

‘Wat zie je, wat hoor je, wat ruik je en wat proef je.’ Als het aan Lianne van den Brand ligt, zou elk kind op deze manier uitgedaagd moeten worden. Zo ontdekken jonge kinderen van alles over natuur en wat er allemaal leeft en groeit. Deze verwondering kan er later voor zorgen dat ze zich bewuster zijn van hun omgeving en er op een goede manier mee om willen gaan. Lianne is vrijwilliger bij de werkgroep Natuurkids. Deze werkgroep is een van de 7 werkgroepen van IVN Haren/Groningen. Andere zijn bijvoorbeeld insecten en meer, stadsecologie en wilde planten tuinen. Als jong meisje is Lianne al met de natuur begaan. Ze was altijd buiten, zat bij de scouting en zette zich in voor de natuur. Toen ze zelf kinderen kreeg, wilde ze hen ook de liefde voor natuur meegeven, door planten en dieren te observeren en ze te leren hoe bijzonder en mooi de natuur in elkaar zit. Tegelijkertijd wilde ze ook graag iets doen om nog meer kinderen enthousiast te maken en is ze via IVN, een natuurgidsopleiding gaan doen. Daar leerde ze ze veel over natuur maar ook hoe je activiteiten organiseert en begeleidt. Bij Natuurkids bedenken ze ieder jaar met elkaar, een zestal activiteiten. Sommige zijn vast prik, zoals Uilenballen pluizen, Slootjesdag en vleermuizen spotten. Ook wordt er samengewerkt met andere organisaties zoals de Zoogdiervereniging of het NDE (Natuur Duurzaamheid Educatie) in Stadspark Groningen. De verschillende activiteiten zijn over het jaar verdeeld en vinden plaats op een inspirerende plek in Haren, de stad Groningen en Ten Boer. De werkgroep bedenkt alles zelf, welke locatie, wat ze gaan doen en wie ze er bij betrekken. Ook worden ze geregeld gevraagd om aan te sluiten bij een natuurevenement. Zo waren de Natuurkids aanwezig op het mini natuurfestival tijdens de week van de biodiversiteit in het Stadspark. Lianne vertelt over een zeer succesvolle terugkerende activiteit, het uilenballen pluizen. Dit kan natuurlijk niet zonder uilenballen, een opgezette uil, Petri-schaaltjes en pincetten. En dan maar pluizen. In de ballen komen kinderen van alles tegen, veel muizenbotjes, haren van zoogdieren en ook schedels van kleine vogels. Door de botjes op een papier te leggen, komen kinderen (en ouders) er achter met welk dier ze te maken hebben. Lianne merkt vaak dat kinderen al heel veel weten en door het stellen van de juiste vragen, vertellen ze eigenlijk zelf het verhaal. Dat is het allerleukste. En ze komen altijd samen met een ouder/verzorger, waardoor de beleving en het gesprek thuis verder kunnen gaan. Aantrekkelijk is ook dat iedereen mee kan doen en deelname gratis is. Bij de werkgroep Natuurkids staat een vacature open voor een vrijwilliger. Ben jij net zo enthousiast als Lianne over natuur en heb je een drive om kinderen te leren hoe leuk en spannend natuur in hun eigen omgeving kan zijn? Neem dan contact op met de afdeling IVN Haren/Groningen. Lianne kan het iedereen aanraden. Je leert er veel van, en qua tijdsbesteding valt het ook erg mee. En het is ook nog eens heel gezellig met elkaar. Tekst: Esther Halma Foto: Lianne van den Brand
Lees meer