Navigatie overslaan
link050 Home
  • Besturenloket
  • Bedrijven
  • Workshops
Account aanmakenLog in

Contact

  • Herestraat 100, 9711 LM Groningen, Nederland
  • info@link050.nl
  • 050 – 3051 900

link050

  • Voor vrijwilligers
  • Voor organisaties
  • Voor bedrijven
  • Veelgestelde vragen
  • Over ons
  • Openingstijden

Doe mee

  • Vacatures / trainingen
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Cookies

Powered by Deedmob tools ·
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | maart 2026 | Vrijwilligersverhalen | 5 min lezen

Met krijt onder de arm de straat op

Door

Johnno Bosma

Dit artikel verscheen eerder in ons themamagazine over jongeren.

Regelmatig verschijnen ze op de Groninger stoepen en straten: in gekleurd krijt geschreven quotes die er van een afstand vrolijk uitzien. Wie dichterbij staat, ziet al snel dat het tegenovergestelde waar is. De tekeningen zijn in werkelijkheid intimiderende opmerkingen, die eerder op diezelfde plek zijn gemaakt, meestal gericht tegen vrouwen. Deze stoepkrijttekeningen worden gemaakt door Catcalls of Grunn, een collectief van jonge vrouwen die straatintimidatie zichtbaar willen maken in de hoop dat het op termijn helemaal verdwijnt.

Online en offline
De krijttekeningen zijn niet alleen op straat te zien, maar ook op het Instagramkanaal @catcallsofgrunn. “Het account is in de zomer van 2019 opgericht door Roos de Boer”, vertelt Birgit Eggink, die sinds een paar jaar deel uitmaakt van het collectief. “In die zomer ontstond er een soort trend van dit soort catcall-accounts. Het originele idee kwam uit New York, maar verspreidde zich al snel naar steden over de rest van de wereld.” Samen met Robin, Shannon en Joëlle zet Birgit zich in om het probleem van straatintimidatie in Groningen zichtbaar te maken. “Het kan ongemakkelijk zijn om die nare uitspraken en scheldwoorden te zien in het straatbeeld”, vervolgt Birgit. “Maar misschien is het ook goed dat mensen zich er ongemakkelijk bij voelen, want dan snap je hoe iemand zich op diezelfde plek ooit heel onveilig en nog ongemakkelijker heeft gevoeld.”

Juist door de uitspraken in de publieke ruimte op te schrijven, hoopt het collectief de ernst van het probleem duidelijk te maken. “Doordat je ziet dat het op die plek bij jou in de buurt is gebeurd, komt het dichter bij huis. We nemen ook een foto van elke tekening die we maken en posten die op het Instagramkanaal. Als je daarop kijkt, krijg je een idee van hoe vaak het gebeurt.”

Studentenleven
Birgit studeert nu psychologie, maar raakte betrokken bij de organisatie aan het einde van haar eerste studie. “Ik zat echt diep in het studentenleven en had elke avond wel iets te doen met vrienden. In die tijd was ik ook al ‘feministische Birgit’ en sprak ik me regelmatig uit. Toen ik mijn scriptie moest schrijven besloot ik dat te doen over catcalling en kon ik onze eigen database gebruiken.”

“Er zijn heel veel manieren waarop vrouwen lastiggevallen worden op straat”, gaat Birgit verder. “Vaak zijn het opmerkingen over iemands lichaam, of iemand in de billen knijpen. Dat soort dingen komen ook in het studentenleven veel voor. Maar soms is het ook onverwachter. Iemand binnen ons collectief verft haar haar vaak, telkens een andere kleur. Het is bizar hoe vaak onbekenden zonder een woord te zeggen aan haar haar gaan zitten als we samen de deur uit zijn.”

Honderden incidenten
Van alle incidenten die plaatsvinden komt maar een klein deel bij Catcalls of Grunn terecht. Toch stroomt hun inbox vol met meldingen van vervelende ervaringen. “Iedereen die een catcall-situatie meemaakt kan ons een berichtje sturen. Wij houden alles anoniem. De meldingen die we binnenkrijgen zetten we allemaal in een database, zodat we een overzicht hebben van de uitspraken en de locaties. We krijgen gemiddeld twee meldingen binnen per week, en proberen elke week een incident te tekenen.” Normaal gesproken gaat het collectief koffie drinken in een café om te bespreken wat ze gaan doen. “Daarbij kijken we meestal naar wat er op dat moment speelt en zoeken we een incident op in ons bestand dat daarbij aansluit. Op een warme dag krijten we bijvoorbeeld een nare opmerking die gemaakt is over iemand in een kort rokje.”
Straatintimidatie komt zó veel voor, dat het collectief niet eens de tijd heeft om alle meldingen van incidenten om te zetten in tekeningen. “In onze database hebben we nu meer dan 600 incidenten staan, waarvan er meer dan 400 nog getekend en online gezet moeten worden.”

Een gesprek
Door het probleem op deze manier zichtbaar te maken hoopt Catcalls of Grunn dat straatintimidatie op een gegeven moment uitgebannen is. “Alle vrouwen die ik spreek hebben wel eens zo’n situatie meegemaakt, maar niemand lijkt bevriend te zijn met iemand die zelf catcallt. Dus daar klopt iets niet. We hopen bewustwording te creëren zodat het makkelijker wordt om met iemand het gesprek aan te gaan over zijn of haar gedrag. Want ja, hoewel het in bijna alle gevallen
een vrouw is die het overkomt, krijgen we ook wel eens een berichtje binnen van een man die door een vrouw gecatcalld is.”

Vrijheid
Uit de voorbeelden die Birgit opnoemt blijkt dat straatintimidatie geen eenmalige nare ervaring is, maar langdurige gevolgen heeft. “Het tast niet alleen je veiligheidsgevoel aan, maar ook je vrijheidsgevoel”, vertelt ze. “Je denkt na over welke weg je wel of niet kunt nemen en bent constant op je hoede. Het is zo genormaliseerd in de maatschappij dat we niet eens meer doorhebben hoeveel we ons eigenlijk aanpassen.”
Birgit heeft zelf ook de gevolgen ondervonden van catcalling. “Helaas hebben veel vrouwen toch het idee dat ze zelf iets verkeerd doen. Een paar jaar geleden had ik dat ook. Ik was het toen zo zat dat ik besloot me kaal te scheren. Na een paar dagen dacht ik, ‘Ik ga naar buiten met mijn nieuwe kapsel’. Toen ik de deur uitstapte werd ik direct nageroepen door een vreemde man, over mijn kale hoofd. Het werd me toen gelukkig wel duidelijk dat het niet aan mij lag. Maar victim blaming, het slachtoffer het gevoel geven dat zij het zelf uitlokt, is ook een groot probleem rond straatintimidatie.”

Bereiken
Met de honderden berichten over incidenten die Catcalls of Grunn binnenkrijgt, is het niet altijd makkelijk om opgewekt te blijven. “Als je in je eentje al die informatie moet verwerken is het niet te dragen. Daarom is het heel fijn dat we met een groep zijn. We zijn allemaal eigenlijk best verschillend, maar dat maakt het juist ook tof - dat we ook verbonden zijn doordat we ons samen inzetten voor een gedeeld probleem. En we bereiken veel. We willen het gesprek aanwakkeren, jonge meiden bereiken en een plek zijn waar iemand haar hart kan luchten na een nare ervaring. Dat lukt goed.”
Naast het krijten en posten gaat het collectief ook op andere manieren het gesprek aan. Zo zijn ze op uitnodiging van de gemeente betrokken geraakt bij Orange the world, een internationale campagne tegen geweld tegen vrouwen. “We werken ook vaak samen met de GGD en Centrum Seksueel Geweld, bijvoorbeeld door deel te nemen aan panelgesprekken. En we krijgen vaak interviewverzoeken van jongeren die journalistiek studeren. Het is fijn om te zien dat veel jongeren geïnteresseerd zijn in wat we doen.”

Laagdrempelig
Juist vanwege de digitale kant van Catcalls of Grunn lukt het goed om jongeren te bereiken. “Bijna iedereen zit op sociale media. Daardoor is ons werk makkelijk te volgen, maar kunnen mensen ook op een laagdrempelige manier contact zoeken.” Daarnaast is het fijn dat jongeren het over dit soort problematiek kunnen hebben met andere jongeren, denkt Birgit. “Ik denk dat veel jongeren zich toch minder serieus genomen voelen door de oudere generatie. In de oude generatie was het nog meer genormaliseerd. Dit soort situaties werden vaak geaccepteerd. Jongeren willen die ervaringen juist graag bespreken.”

Zes jaar nadat het collectief begon, heeft het Instagramaccount duizenden volgers uit Groningen en omstreken. “Onze volgers zijn heel betrokken. We reageren zelf nooit op de comments, maar als iemand een vervelende reactie achterlaat zitten onze volgers er direct bovenop. Dat motiveert ons ook om door te blijven gaan. Hopelijk tot straatintimidatie helemaal is gestopt.”

Tekst: Johnno Bosma
Beeld: Eline Doornbos

 

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Bij elk evenement in zijn element

| Vrijwilligersverhalen

Ruim vier uur in de week is hij actief als vrijwilliger bij het Rode Kruis. Hij geniet volop van de verschillende activiteiten waarbij hij wordt ingezet en hij vertelt er enthousiast over. Hans Stam Sinds 2022 is Hans Stam vrijwilliger bij het Rode Kruis. “Tijdens mijn middelbare schoolperiode wilde ik graag in de gezondheidszorg aan het werk”, maar het liep anders en na een technische opleiding kon hij aan de slag als adviseur bij de Gasunie, waar hij inmiddels 36 jaar werkt. Telefonische hulpdiensten Tijdens de coronapandemie meldde Hans zich als vrijwilliger aan bij het Rode Kruis om telefonisch hulp te geven aan thuiszittende coronapatiënten. Na een halfjaar zat dat werk erop, maar niet veel later belde het Rode Kruis hem met de vraag of hij vaste vrijwilliger wilde worden en “daar hoefde ik niet lang over na te denken.” Opleiding Na een intakegesprek kon hij beginnen aan het online opleidingstraject en het doorlopen van enkele stages. Eenmaal gecertificeerd kon hij zich aanmelden bij de verschillende activiteiten waarbij het Rode Kruis wordt ingezet. De organisatie heeft vier locaties in Groningen en Hans richtte zich met name op de evenementen in de stad Groningen en in zijn eigen regio, Noord-West Groningen. Al snel na de basisopleiding, haalde Hans ook andere certificaten, waardoor hij breder inzetbaar werd. “Dat vind ik ook het mooie aan deze organisatie, je kunt er doorgroeien en zo in aanraking komen met veel andere disciplines.” Martiniplaza Eén van de locaties waar Hans vaak te vinden is, is Martiniplaza, een plek waar veel grote evenementen plaatsvinden waarbij het Rode Kruis wordt ingehuurd. “Zodra ik binnen ben meld ik mij bij de huismeester, ik controleer mijn EHBO-tas en kijk of de AED’s en de portofoons aanwezig zijn. Daarna woon ik de briefing bij, waar voor Rode Kruismedewerkers belangrijke informatie gegeven wordt en zodra de deuren voor het publiek opengaan zorg ik dat ik op mijn post ben waar ik de mensen goed kan observeren. Er zijn altijd situaties waarbij onze hulp wordt ingeroepen, gelukkig gaat het meestal om kleine incidenten.” Tineke Schouten Hans herinnert zich ook een wat ernstiger geval. Het gebeurde na afloop van de voorstelling die Tineke Schouten had gegeven. “Er was bij het uitgaan van de zaal een man onwel geworden en wij oordeelden dat 112 gebeld moest worden. De man werd door het ambulancepersoneel afgevoerd via de artiestenfoyer. Maar daar zat Tineke Schouten met haar crew na te praten over haar optreden. Tineke loopt op de man af en roept: “Och meneer, was mijn voorstelling zo slecht?” Ondanks zijn toestand genoot de man zichtbaar van deze aandacht.” Motivatie Het werk bij het Rode Kruis is Hans op het lijf geschreven. Hij geniet van de heel verschillende mensen waarmee hij in contact komt, hij kan zich aanmelden voor heel uiteenlopende activiteiten - zoals de 4 Mijl van Groningen of het openluchttheater in Oosterwijtwerd - en door dit werk is zijn netwerk enorm uitgebreid. Zijn jongensdroom is, nu hij wat ouder geworden is, dus toch nog een beetje uitgekomen. tekst en beeld: Jan de Koning Ook geïnteresseerd in vrijwilligerswerk bij het Rode Kruis? In onze vacaturebank kunt u vacatures vinden voor o.a. Voorlichter Humanitair Oorlogsrecht , Basis Eerstehulpverlener en Gastdocent Basisscholen .
Lees meer

Ambassadeur worden?

| Vrijwilligersverhalen

Je zou het zo niet zeggen als je het eenvoudige optrekje van dit museum in Eelde nadert, maar in dit gebouw is de grootste klompencollectie van de wereld te bewonderen. Eenmaal binnen wordt je verrast door de duizenden klompen die er tentoongesteld staan. Internationaal karakter Nederland mag dan bekend staan klompenland, maar in veel andere landen heeft de klomp een langere traditie. Eén van die landen is Frankrijk, waar jaarlijks bijna 40 miljoen klompen werden gemaakt. Het is het museum in Eelde in 2009 gelukt een grote collectie uit Frankrijk aan te kopen. Met daarnaast klompen uit Spanje en zelfs uit diverse Aziatische landen, heeft het Museum in Eelde een belangrijk internationaal karakter gekregen. https://www.youtube.com/watch?v=LA9AilapMUg Bertus van den Hof Het Klompenmuseum draait volledig op het werk van vrijwilligers. Eén van de langstzittende medewerkers is Bertus van den Hof. Bertus heeft zich zijn leven lang al als vrijwilliger nuttig gemaakt en vanaf 1998 is hij volop betrokken bij het werk van dit museum. Bertus houdt zich vooral bezig met de PR. Hij heeft wereldwijd contacten en alle nog in Nederland actieve klompenmakers kent hij persoonlijk. Bertus doet dit werk nog steeds met heel veel plezier en toewijding. “Overal waar ik het museum in beeld kan brengen, daar ga ik op af. Ik krijg daar energie van.” Gastvrouw/gastheer Naast Bertus zijn er op dit moment nog zo’n 55 andere vrijwilligers, maar het museum heeft meer mensen nodig, zoals bijvoorbeeld gastvrouwen en gastheren. Zij verwelkomen de bezoekers, die uit alle landen van de wereld komen. Ze zorgen voor koffie en thee en wanneer de bezoekers iets willen kopen in het winkeltje kunnen ze bij hen afrekenen. Rondleider Andere vrijwilligers verzorgen de rondleiding. Zij vertellen de verhalen die bij de verschillende klompen horen en zij brengen de bezoekers in de expositieruimte en de werkplaats, waar diverse instrumenten tentoongesteld staan die gebruikt werden bij het vervaardigen van klompen. Eén van de belangrijkste eigenschappen die van de vrijwilligers gevraagd wordt is gastvrijheid en gelet op de reacties in het gastenboek is het museum daar volledig in geslaagd. Verhalen De meeste klompen hebben een eigen verhaal. Ergens in het museum staan de Marker bruidsklompen. Als een jongeman zijn meisje wilde vragen om met hem te trouwen dan gaf hij haar bij zijn vertrek uit de haven op maandagmorgen de door hem zelf gemaakte klompen. Wanneer zij hem vrijdagavond bij thuiskomst opwachtte en de klompen droeg, dan wist hij dat ze zijn bruid wilde worden. Uiteraard ontbreekt de smokkelklomp niet in het museum: de klomp waar aan de onderkant de hak en de zool waren verwisseld om zo de douane om de tuin te leiden. Enthousiasme Bertus verbaast zich er elke keer weer over dat de bezoekers zo enthousiast het museum uitkomen. Veel mensen lijkt een bezoekje aan een Klompenmuseum niet direct een erg boeiende dagbesteding, maar dat pakt vaak anders uit, want in dit Museum komen de klompen tot leven. “Mensen verwachten een verzameling gele klompen, maar als ze eenmaal binnen zijn, verandert dat beeld volkomen. Juist het internationale karakter verrast de bezoeker. De meesten gaan als onze beste ambassadeurs weer de deur uit.” Ook ambassadeur worden voor het Klompenmuseum? Bekijk hier de vacatures voor rondleiders en gastvrouw/gastheer . tekst en beeld: Jan de Koning
Lees meer

Kleine wasjes grote wasjes

| Vrijwilligersverhalen

De Wasplaats is onderdeel van WerkPro en biedt verschillende vormen van hulp aan dak- en thuislozen. Chris Amerika werkt al sinds 1994 met dak- en thuislozen. “Daklozen hebben natuurlijk niets maar ook thuislozen hebben niet altijd een douche of wasplaats voor hun kleding ter beschikking” vertelt Chris. Douchen soms verplicht “We zijn in 2001 begonnen voor deze doelgroepen. Bij thuislozen moet je denken aan bijvoorbeeld maatschappelijke opvang, zoals 24 uurs opvang. Maar ook sommigen die wel in een instelling wonen houden gewoon niet van douchen” lacht Chris. “Als ze stinken zeg ik dat gewoon en moeten ze hier douchen. Want als ze hier hun dagbesteding willen doen dan wil ik daar niet naast staan.” Chris is daar erg nuchter onder maar kan het heel goed vinden met haar klanten. “We zijn hier in 2011 begonnen en er is geen dag geweest dat ik met tegenzin naar het werk ging. Ze zijn heel hartelijk en altijd in voor een praatje. Toen ik een tijdje ziek was begroetten ze mij zo lief toen ik weer aan het werk ging. In al die jaren spraken ze mij eerst aan als zus, toen ik ouder werd als tante, maar nu is het yo mama, en dat heeft alles te maken met respect” vertelt ze glunderend. Wasplaats voor meerdere instanties “Het zijn niet alleen dak- en thuislozen die hier hun was laten doen, we werken ook voor gemeentelijke instanties en bijvoorbeeld voetbalverenigingen. En daarom zijn we dringend op zoek naar chauffeurs want we willen al die wasjes ophalen. Daar hebben we een auto voor ter beschikking” vertelt Chris enthousiast. En Chris heeft de naam De Wasplaats bedacht en een mooi logo laten ontwerpen. De dak- en thuislozen krijgen overigens een dagvergoeding voor hun werk hier. En het is populair want er komen zo’n 6 mensen op een dag douchen en zo’n 35 mensen die hier elke maand hun eigen was inleveren. Leuk werk met leuke mensen Chris is heel tevreden met haar baan. “Ik heb redelijk veel vrijheid, de collega’s zijn leuk en de aanloop ook. En de meeste dak- en thuislozen zijn gelukkig positief ingesteld. En zo niet dan wijs ik ze op hun keuzevrijheid. In Nederland is het heel gemakkelijk om drank en drugs te gebruiken maar niemand heeft hen het pistool op het hoofd gezet om dat te doen” aldus Chris. Goede opvang Groningen is volgens haar heel goed bezig. Het is hier bijna een walhalla voor dak- en thuislozen, voor zover dat kan natuurlijk. “Ze worden hier heel goed opgevangen en daar zijn ze ook dankbaar voor. Ze kunnen hier de hele dag koffie- en theedrinken en tussen de middag een warme hap krijgen bij onze buren, het Twaalfde Huis. Daar werken we veel mee samen. Maar er is sinds de jaren dat ik dit werk doe wel een toename, vooral uit Oost-Europa.” De Wasplaats heeft behoefte aan chauffeurs. Lijkt het je leuk in deze warme omgeving te werken? Neem dan contact op met De Wasplaats, Chris Amerika, email c.amerika@werkpro.nl . De wasmachines hebben namen want anders wordt het lastig aan te wijzen welke machine bedoeld wordt. Sommige machines hebben namen van overleden medewerkers. tekst en beeld: Annette Doornbosch
Lees meer