Navigatie overslaan
link050 Home
  • Besturenloket
  • Bedrijven
  • Workshops
Account aanmakenLog in

Contact

  • Herestraat 100, 9711 LM Groningen, Nederland
  • info@link050.nl
  • 050 – 3051 900

link050

  • Voor vrijwilligers
  • Voor organisaties
  • Voor bedrijven
  • Veelgestelde vragen
  • Over ons
  • Openingstijden

Doe mee

  • Vacatures / trainingen
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Cookies

Powered by Deedmob tools
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | november 2025 | Vrijwilligersverhalen | 2 min lezen

Achter de bar bij SC Stadspark

Door

Johnno Bosma

Bijna geheel in het groen verscholen ligt het intieme sportpark Stadspark waar de voetbalvereniging met dezelfde naam haar wedstrijden speelt. De club heeft elf seniorenelftallen en ook nog een flink aantal juniorenteams. Die moeten allemaal gebruik maken van het anderhalve veld waar het sportpark over beschikt. Dat betekent dat er op zaterdagen soms al om half negen gestart wordt en dat de laatste wedstijd pas rond acht uur ‘s avonds is afgelopen.

Een man met jarenlange ervaring
In 2014 fuseerde voetbalclub De Vogels die hier speelde met Gronitas en sindsdien is de naam veranderd in SC Stadspark. “Het is een hele fijne, gezellige club. Ik ben al vanaf mijn tweeëndertigste  bestuurlijk bij de club betrokken,” zo vertelt de bijna 80-jarige Gerhard Nijdam. Pas dit jaar heeft Gerhard zijn bestuurlijk werk aan anderen overgedragen, maar hij is elke morgen nog op het sportpark aanwezig. Eén van zaken die hij nog steeds coördineert is het rooster voor de vrijwilligers. “En hoewel we geen grote vereniging zijn, zijn er toch best veel mensen nodig om aan alles draaiende te houden en dat valt niet mee.”

Leden
Vaak willen leden naast hun sportieve activiteiten best nog weleens een keer een klus doen op de vereniging, maar ze voelen er niets voor om structureel ingezet te worden. Die trend zie je bij veel sportclubs en omdat er wel het één en ander naast het voetballen moet gebeuren is men druk op zoek naar vrijwilligers. Gerhard: “Gelukkig hebben we al wel een aantal mensen kunnen vinden. Daardoor zijn de bestuurlijke functies ingevuld en ook het onderhoud van het veld en de gebouwen krijgen we gelukkig rond.”

Nederlandse taal
Het grootste probleem is de bezetting voor de kantine. “Kantine-inkomsten zijn voor een vereniging erg belangrijk en gelukkig wordt er door de leden ook veel gebruik gemaakt van de kantine. Voor het vrijwilligerswerk heb ik ook contact met mensen uit een asielzoekerscentrum, maar het probleem is dat zij vaak de Nederlandse taal nog onvoldoende beheersen, terwijl dat echt wel nodig is om achter de bar te staan. De vrijwilliger werkt vaak alleen in de kantine en treedt dan ook zo af en toe op als gastheer.”

Kantinewerkzaamheden
Iemand die in de kantine werkt, moet een biertje kunnen tappen, een kroketje of een patatje kunnen bakken en kunnen omgaan met de kassa. Dit soort vaardigheden leert iemand ook gaandeweg. Als afsluiting van de werkzaamheden moet er natuurlijk nog wel worden opgeruimd.

Werktijden en een vrijwilligersvergoeding
De kantine op het sportpark is voornamelijk in de avonduren open en natuurlijk op de zaterdagen en zondagen als de teams er voetballen. Gerhard: “Het zou al mooi zijn als iemand één of twee dagdelen zou willen komen helpen.” De vrijwilligers krijgen elke maand een kleine vergoeding voor hun werkzaamheden, maar de  belangrijkste beloning zijn de sociale contacten die door dit werk worden opgebouwd. Gerhard is daar heel duidelijk over: “Dit is een warme, betrokken club, waar de derde helft altijd gezellig is!”

Kijk hier voor de openstaande vacatures.

Tekst en beeld: Jan de Koning

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Een ontmoeting tussen een nieuwe Groninger en een local

| Vrijwilligersverhalen

Dit artikel verscheen eerder in ons thema magazine over nieuwkomers . Terwijl het voor de rest van Nederland een goed bewaard geheim is gebleven, weet iedereen die in Groningen woont dat het tegelijk een nuchtere stad én een bruisende internationale metropool is. Voor alle internationals die in Noord-Nederland komen wonen of werken, huisvest Groningen het International Welcome Center North. Deze organisatie biedt iedereen die het nodig heeft informatie over wonen, werken, studeren en ondernemen in het Noorden, en brengt internationals en locals bij elkaar via het programma My local friend . Via dit programma leerden Sinem en Wiebe elkaar in 2024 kennen. Wiebe, de local, werkte voor zijn pensioen op de Rijksuniversiteit Groningen en begon het internationale contact te missen. Dus meldde hij zich aan bij dit internationale maatjesproject. Sinem werkte vroeger als docent Engels op een universiteit in Turkije en is in Nederland komen wonen omdat haar man een baan als ingenieur in Nederland kreeg. Terwijl ze op zoek was naar een baan als docent Engels op een middelbare school, wilde ze ook graag Groningers leren kennen. “Omdat mijn man en veel van zijn collega’s expats zijn is het niet altijd makkelijk om Nederlandse vrienden te maken. Daarom meldde ik me aan voor My local friend.” En zo ontmoette ze Wiebe. Vriendschap Normaal gesproken ontmoeten ze elkaar één keer per week en praten ze over koetjes en kalfjes, in het Nederlands. De gedachte achter het project is dat mensen de taal kunnen oefenen, maar voor Wiebe en Sinem is het project waardevoller dan dat. Wiebe houdt erg van de internationale context en contact hebben met andere culturen: “Naast dit project zijn er ook allerlei andere evenementen via het IWCN, dus daar kunnen we ook heen en mensen uit verschillende landen ontmoeten.” Sinem vult aan: “Ik wilde graag met meer vertrouwen Nederlands kunnen spreken met mensen, maar ondertussen word je ook vrienden. Dus het is heel leuk om zo ook iemand uit je stad beter te leren kennen.” Elkaar begrijpen Volgens Sinem zit er een verschil tussen de taal begrijpen en de taal goed spreken. “Het blijft moeilijk om lastige woorden ook te gebruiken. Zo hadden we het laatst over versplinteren. Van veel van dat soort woorden weet ik wat ze betekenen, maar als ik zelf spreek gebruik ik toch vaak makkelijkere woorden.” Volgens Wiebe is Sinem ook een beetje een perfectionist. “Ze spreekt echt al heel goed Nederlands. Maar het is belangrijk om vaak te oefenen. Binnenkort gaan we drankjes doen bij Sinem thuis, samen met haar man. En dan gaan we de hele avond Nederlands praten.” Omdat Wiebe zelf een paar jaar in Namibië heeft gewoond, weet hij ook hoe het is om een expat te zijn in een andere stad. “Ik herinner me nog goed hoe lastig het kan zijn om mensen te leren kennen in een nieuw land. Dat maakt het extra leuk om nu voor iemand anders een lokale vriend te zijn.” Een tekort Het maatjesproject My local friend is bedoeld voor mensen die al op taalniveau A2 of B1 zitten. Zo kunnen de gesprekken ook echt in het Nederlands gevoerd worden. Sinem woonde voor ze in Groningen kwam al even in Amsterdam. Zodoende wist ze al een en ander over Nederland en had ze al wat van de taal geleerd. Toen ze zich aanmeldde werd ze toch eerst op de wachtlijst geplaatst voor ze aan iemand werd gekoppeld. Er is namelijk een tekort aan locals. Daarom is de aanmelding voor nieuwkomers tijdelijk gesloten, terwijl mensen wiens moedertaal Nederlands is zich nog wel kunnen aanmelden. Sinem: “Ik zou graag zien dat meer locals zich aanmelden zodat de wachtlijst verdwijnt. Het is echt heel fijn om op deze manier stadsgenoten te leren kennen. Dankzij mijn gesprekken met Wiebe ben ik veel zelfverzekerder als ik Nederlands spreek.” Wiebe kan het de locals aanbevelen: “Ik zou mee doen zeker aanraden. Het is heel leuk om te doen. En als je het leuk vindt om ook aan andere activiteiten mee te doen, leer je heel veel mensen uit andere culturen kennen.” Tekst: Johnno Bosma Beeld: Eline Doornbos Wil jij ook een maatje zijn voor My local friend? Bekijk dan de details op deze aanmeldpagina .
Lees meer

"Ik droom van een eigen timmerbedrijf"

| Vrijwilligersverhalen

Dit artikel verscheen eerder in ons thema magazine over nieuwkomers . De 39 jarige Syriër Ehsan Kamel besloot ruim drie jaar geleden zijn land te ontvluchten en hij vroeg asiel aan in Nederland. Hij kreeg een plek in een asielzoekerscentrum in Groningen. Enige tijd later kwamen ook zijn vrouw en hun twee kinderen naar ons land en na verloop van tijd konden ze een woning krijgen in de stad. Inmiddels is in het gezin opnieuw een baby geboren en zitten de oudste twee kinderen op de basisschool. Vrijwilligerswerk Ehsan was nog niet zo lang in ons land toen hij op zoek ging naar werk. Zijn contactpersoon bij de gemeente Groningen begeleidde hem daarin en wees hem op de mogelijkheid van vrijwilligerswerk. Dat kennen ze in Syrië helemaal niet, maar hij nam het werk bij een kledingbank met beide handen aan. Ehsan wilde de vrijwilligersbaan graag hebben, want, zo vertelde hij: “Ik wil graag met mensen in contact komen en zo gauw mogelijk de Nederlandse taal leren.” Hij besefte dat hij in Nederland meer mogelijkheden zou hebben als hij de taal van dit land zou spreken. Zodra het hem was toegestaan, meldde hij zich ook aan voor de inburgeringscursus en afgelopen jaar werd hij toegelaten. Ook zijn vrouw heeft zich inmiddels ingeschreven om aan de cursus te beginnen. Mamamini In de afgelopen jaren bezocht Ehsan regelmatig kringloopwinkels in Groningen en zo kwam hij ook bij Mamamini in de wijk Helpman. Hier zag hij nieuwe kansen en op de website van het bedrijf vond hij een sollicitatieformulier dat hij invulde en opstuurde. Niet lang daarna werd hij aangenomen als vrijwilliger. Vier maanden geleden is Ehsan bij dit bedrijf begonnen. Op maandag- en vrijdagmorgen is hij in het pand aan de Helper Oostsingel te vinden en hij houdt zich vooral bezig met het kleingoed dat binnenkomt. Hij sorteert en prijst de spullen en vervolgens geeft hij ze een plek in de winkel. Hij werkt in een groepje van ongeveer vijf personen en het werk bevalt hem uitstekend. Het principe van een kringloopwinkel spreekt Ehsan erg aan: mensen die het financieel niet zo ruim hebben tegemoetkomen door een aanbod van gebruikte artikelen. “Ik prijs de goederen dan ook nooit zo hoog,” zegt hij met een glimlach. Motivatie Wat Ehsan vooral erg belangrijk vindt is het leggen van contacten. Hij heeft daar niet zo heel veel moeite mee, want hij is een betrokken, sociale man. Daarnaast heeft hij ontdekt dat het samenwerken ook heel goed is voor het aanleren van de taal. Hij verplicht zichzelf dan ook zo veel mogelijk Nederlands te praten op zijn werk. Dat hij bij Mamamini ook een vrijwilligersvergoeding krijgt vindt hij fijn, maar dat was niet zijn belangrijkste motief om hier te solliciteren. De andere dagen van de week gaat Ehsan naar school. Tijdens de lessen, die hij samen met ongeveer twintig andere nieuwkomers volgt, ligt de nadruk op het ontwikkelen van taalvaardigheden. Ehsan kan zich in de korte tijd dat hij de lessen nu volgt al heel goed in de Nederlandse taal uit drukken. Zodra hij examen gedaan heeft, hoopt Ehsan een opleiding te kunnen gaan volgen aan het Noorderpoortcollege. De Nederlandse samenleving Ehsan en zijn gezin genieten van hun verblijf in Nederland: de mensen zijn vriendelijk en het voelt hier heel veilig. Natuurlijk denkt hij vaak aan Syrië. Zijn ouders wonen er en ook nog veel andere familieleden. En hij maakt zich zorgen om hun veiligheid. Toen Ehsan nog in Syrië woonde was hij timmerman. En hij hoopt door zijn opleiding ooit te kunnen starten met een eigen timmerbedrijf in Nederland. “Ik zal er alles aan doen om die droom werkelijkheid te laten worden.” Aan initiatief en doorzettingsvermogen ontbreekt het hem in ieder geval niet. Tekst: Jan de Koning Beeld: Dominique Krauts
Lees meer

Maggie’s Center Groningen: een oase van rust en centrum voor ondersteuning

| Vrijwilligersverhalen

Bij binnenkomst bij Maggie’s valt mijn mond open van verbazing. Wat een mooi gebouw, aangenaam ingerichte ruimtes en wat een prettige sfeer! De grote ontvangstruimte is heel licht, met zitjes en een grote leestafel, een mooie frisse keuken en met uitzicht op de spreek-, rust- en activiteitenruimtes. En vele buitenzitjes rondom! De vrijwilligers Ineke en Fleur staan mij trots en vrolijk op te wachten. Ik heb met Ineke afgesproken om meer te weten te komen over het vrijwilligerswerk in Maggie’s en over Ineke zelf. Fleur en Ineke bij de ontvangst Brede ondersteuning en hulp Maggie’s Center Groningen bestaat ruim 1 jaar en Ineke werkt er sinds april. Ineke vertelt dat Maggie’s open is voor iedereen geraakt door kanker: de patiënt, de ex-patiënt, de familie en naasten. Mensen kunnen in Maggie’s koffiedrinken, tot rust komen, lotgenoten ontmoeten of praten met de kankersupportspecialisten. Die kijken samen met de bezoeker waar zij ondersteuning bij wensen en wat het beste bij hun vraag past. Het is mogelijk om individuele gesprekken te voeren met verschillende professionals, mee te doen met gespreksgroepen, workshops te volgen zoals schilderen, fotografie, herstellende yoga of mee te doen met een wandelgroep. Ook komen patiënten uitrusten tussen de bestralingen door. “Het is hier huiselijk en veilig”, zegt Ineke. De gastvrouw/heer in Maggie’s Vrijwiligers werken in de rol van gastvrouw/heer. Ineke licht haar werk toe. “Als gastvrouw ben je degene die de mensen als eerste zien als ze binnenkomen. We willen zorgen voor een warme ontvangst. We maken binnen 30 seconden contact, heten de mensen welkom en vertellen wie we zijn. We zorgen ervoor dat mensen zich gezien voelen. We vragen wat we voor hen kunnen betekenen. Soms willen ze een rustige plek vinden of informatie halen of steun vinden of hebben ze een concrete vraag. We brengen ze dan met aanwezige professionals in contact. Ook zorgen we ervoor dat alles netjes is, spullen aangevuld worden en dat mensen wat te drinken krijgen. We helpen ook bij het klaarzetten van de spullen voor de workshops.” Drijfveer “Waarom heb je voor dit vrijwilligerswerk gekozen?”, vraag ik Ineke. “Ik ben met betaald werken gestopt, maar wilde nog wel wat blijven doen. Ik heb een achtergrond als manager in de acute zorg en ik woon hier vlakbij. Bij mijn man was kanker gediagnosticeerd. Toen was er nog geen Maggie’s waar je terecht kon voor psychosociale hulp. Als vrijwilliger wil ik nu bijdragen aan Maggie’s omdat ik vanuit onszelf weet en hier ook zie dat het in een behoefte voorziet.” “Ook vind ik het fijn dat ik weer bij een club hoor, collega’s heb en bijdraag aan iets waardevols en dat ik het zelf ook leuk heb. Je moet wel een beetje van mensen houden en ertegen kunnen dat de mensen ziek of verdrietig zijn. Soms is het wel confronterend in de zin van het besef dat kanker mensen overkomt en je weet dat het leven dan helemaal op de kop staat. Wat me ook aantrekt is dat het onvoorspelbaar is wat er de middag gaat gebeuren, wie je aantreft en hoe je diegene het beste kan steunen.” Teamwerk “Ik vind dat de organisatie goed met de vrijwilligers omgaat. Ik voel me echt onderdeel van het Maggie’s team en dat we samen voor het werk en de goede resultaten staan. Als je begint met dit werk, word je goed ingewerkt in hoe de organisatie werkt, wat Maggie’s wil bereiken en wat er van je verwacht wordt. Bij iedere dienst vindt er een overdracht plaats en we hebben een gezamenlijke appgroep voor allerlei zaken. Ik heb het erg naar mijn zin bij Maggie’s.” Ook vrijwilliger worden bij Maggie’s? Op het moment is Maggie’s op zoek naar een enthousiaste gastheer/gastvrouw . Tekst en beeld: Yvon van der Laan
Lees meer