Navigatie overslaan
link050 Home
  • Besturenloket
  • Bedrijven
  • Workshops
Account aanmakenLog in

Contact

  • Herestraat 100, 9711 LM Groningen, Nederland
  • info@link050.nl
  • 050 – 3051 900

link050

  • Voor vrijwilligers
  • Voor organisaties
  • Voor bedrijven
  • Veelgestelde vragen
  • Over ons
  • Openingstijden

Doe mee

  • Vacatures / trainingen
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Cookies

Powered by Deedmob tools ·
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | februari 2023 | Vrijwilligersverhalen | 2 min lezen

Ik hoor inmiddels bij het meubilair

Door

Johnno Bosma

Martha Suthoff is al sinds april 2015 werkzaam als gastvrouw op een gesloten afdeling voor mensen met dementie in woonzorgcentrum de Veldspaat in Vinkhuizen.  Ook staat ze nu alweer ruim een jaar een paar middagen in het kleine winkeltje van de Veldspaat.

Nieuwe invulling

Martha kwam in aanraking met het zorgcentrum, omdat haar man volledig zorgafhankelijk was. Helaas overleed hij al na een half jaar. Martha: ‘’Je zoekt dan toch iets om te doen. Toevallig zochten ze iemand voor de gesloten afdeling. Dat leek me wel wat en daar werk ik nu drie avonden per week. Daarnaast draai ik 2 middagen in de week een dienst in het winkeltje. Die afwisseling spreekt mij erg aan’’.

Wat extra aandacht

Op de afdeling zet ze koffie, helpt ze met het eten klaarzetten, maar vermaakt ze de dementerende ook met bijvoorbeeld muziek, kleuren, puzzelen en simpele filmpjes. En ook belangrijk: ze biedt hen een luisterend oor. ‘ Die zusters hebben daar echt geen tijd voor. Ik kan ze wat aandacht geven, dat wordt wel gewaardeerd. De ouderen zijn heel dankbaar, ze klampen je vaak gelijk aan of claimen je.’’

Een goede band

"Met sommige mensen krijg je een band, dan zijn ze echt blij als je binnenkomt. Ik had in het begin wel een apart vrouwtje waar ik heel goed mee kon. Ze kon niet met alle zusters goed overweg; ze durfde ze gerust de kamer uit te sturen. Ik kon met haar lezen en schrijven. Toen zij overleed, vond ik dat wel moeilijk. Maar meestal zorg ik bewust voor een stukje afstand voor mijzelf. Als ik s‘avonds de deur uitloop, kan ik het werk zo makkelijk achter me laten.’’

Getreuzel

‘’In het winkeltje doe ik de bestellingen, zorg ik dat de voorraad op orde blijft en sta ik klanten te woord. Sommige klanten hebben hulp nodig, anderen kunnen veel zelf. Het is wel belangrijk om sociaal vaardig te zijn, want je krijgt hier te maken met allerlei verschillende mensen. Ook moet je geduld hebben, sommige mensen treuzelen erg of komen alleen maar kijken zonder iets te kopen. Ik ben van mezelf niet zo geduldig, dus dat heb ik hier wel geleerd.’’

Onbetaalbaar

Ze is zelf ervaringsdeskundig als het om dementie gaat. Haar man was namelijk ook dementerend. Martha zegt hierover: ‘’Met je eigen man is het toch anders dan met een vreemde vanwege de emotionele betrokkenheid.’’ Verder leert Martha vooral door te doen, elk mens is toch verschillend. Doordat ze vaak op de afdeling is, leert zij de mensen goed kennen én de mensen haar. ‘’Ik zeg wel eens: wij worden niet betaald, maar het is eigenlijk ook onbetaalbaar. Het geeft mij een stukje bevrediging. Het werk is verrassend en nooit hetzelfde. De sfeer op de afdeling is elke keer weer anders.’’

Betrokken

‘’Ik heb een goede band met de rest van het personeel en word er erg bij betrokken. Zo word ik wel eens uitgenodigd voor etentjes en bellen ze mij als er iemand van de ouderen is overleden. Dat vind ik namelijk wel zo prettig. Ik hoor een beetje bij het meubilair. Mijn zoon zegt weleens gekscherend dat hij eerst een afspraak moet maken als hij bij mij op bezoek wil komen. Maar ik kan nog lang genoeg achter de geraniums, -in mijn geval de orchideeën-  zitten!

Je kan je op verschillende manieren bij de Veldspaat inzetten:

Interesse om ook dit soort vrijwilligerswerk te doen? Kijk hier voor alle actuele en openstaande vacatures.

Tekst en beeld: Marieke Bergsma

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Meewerken aan herstel van de toeslagenaffaire

| Vrijwilligersverhalen

Van Liesbeth hoor ik dat er ruim 600 gezinnen in de gemeente Groningen slachtoffer zijn van het toeslagenschandaal. Deze mensen kunnen gratis hulp krijgen van de Stichting (Gelijk)Waardig Herstel. Bij deze stichting gaat het niet alleen om een goede financiële afhandeling: financieel èn emotioneel herstel gaan samen. Het Feitenrelaas Liesbeth is als vrijwilliger verbonden aan de stichting. Ze is Luisterend Schrijver. Dit betekent dat ze met een ouder- de Verteller-  gaat zitten en naar haar of zijn verhaal luistert. Het verhaal noemen ze het Feitenrelaas, daarin staat alles wat er gebeurt is vanaf het moment dat de eerste envelop van de belastingdienst op de deurmat viel met een onrechtmatige terugvordering van de kindertoeslag. Dat kan 10-15 jaar geleden zijn. De Luisterend Schrijver schrijft in samenspraak met de Verteller het Feitenrelaas op. Belangrijk is dat Verteller zelf de regie heeft; zo bepaalt deze waar en wanneer de gesprekken plaatsvinden, en werkt de Verteller op eigen tempo aan het Feitenrelaas . Dit is belangrijk voor het emotionele herstel, de regie over het eigen leven zijn de ouders immers al jarenlang kwijt. De schade analyse Is het Feitenrelaas klaar dan gaat het naar een onafhankelijke Schade Analist (dit is een professional) die aan de hand van het verhaal een analyse maakt van het bedrag waar de ouders recht op hebben. Als de ouder de  schade analyse accepteert en een Vaststellingsovereenkomst met de Staat tekent wordt het schadebedrag uitgekeerd. Inmiddels hebben zich in heel Nederland al meer dan 3500 Luisterend Schrijvers aangemeld. Het proces van vertellen en luisteren Liesbeth is Luisterend Schrijver van één Verteller (een moeder) geweest, en denkt erover dit proces nog een keer door te lopen met een andere Verteller.  Ze vertelt dat ze ongeveer vijf keer samen is gekomen on te luisteren naar het verhaal van haar Verteller. “Ik stelde vragen en soms als ik het ‘savonds nog eens overlas kwam ik met nog een andere vraag en bij haar kwamen er gedurende de week ook vaak dingen boven die gebeurd waren. Als we elkaar dan weer zagen bespraken we eerst deze zaken en gingen daarna weer verder. Zo hebben we samen het verhaal vormgegeven. Het schrijven gebeurt in een (beveiligd) online portaal waar de Verteller en Schrijver beiden toegang tot hebben. Uiteindelijk kwam daar een verhaal uit van zo’n 15 kantjes, waar dus van begin tot eind beschreven is wat de Verteller helaas heeft  moeten meemaken. Kippenvel Liesbeth: “Ik vond het een hele mooie ervaring omdat je zo dicht bij iemand komt. De Verteller stelt zich kwetsbaar op door zo open te zijn en dat maakt nederig. Voor haar is het emotioneel want ze rakelen zaken op die ze soms heel ver hebben weggestopt, daarom het is goed om erover te kunnen praten met iemand. Ik heb ook wel met tranen in m’n ogen en met kippenvel op m’n armen zitten luisteren. Dat je denkt ‘hoe was het mogelijk?’ Sommige verhalen zijn te bizar om te bevatten. Ik heb ook veel respect voor haar  want ze heeft gevochten als een leeuw om haar kinderen te behouden en dat is haar ook gelukt.” Iemand die opstaat om dit te doen “Het was bijzonder om te horen hoe ze omging met al die tegenslagen en toch maar door ging. Voor haar is dit een erg belangrijke ervaring. Alleen al het feit dat iemand uit de samenleving opstaat om dit te doen, om Luisterend Schrijver te worden, betekent voor haar al zoveel. Het betekent dat ze hier niet meer alleen in staat.”    In de vacature voor Luisterend Schrijver lees je meer Tekst: Jeanet Verveer Foto: Kumtanom Pexels
Lees meer

Wat is er leuker dan spelende kinderen?!

| Vrijwilligersverhalen

“Mag ik dat zo maar meenemen?” De kleuter kon bijna niet geloven dat dat leuke speelgoed gewoon mee naar huis mocht. Dit soort reacties horen Joanne van der Tuin en Maartje Brunt regelmatig in de Speel-O-Theek in Haren. Joanne en Maartje Maartje heeft een baan in de zorg maar ze is daarnaast vrijwilliger in deze speelgoedbibliotheek, want het werken met kinderen heeft al jaren haar hart. Joanne heeft de opleiding Sociaal Pedagogisch Werk gedaan en werkt inmiddels al tien jaar met veel voldoening in de Speel-O-Theek. Beiden zijn bestuurslid van deze stichting en door die functie zijn ze er nog meer bij betrokken. Maartje: “Ik kwam met de Speel-O-Theek in aanraking toen mijn kinderen tot de doelgroep gingen horen en ook enkele buurvrouwen er lid waren geworden”. De Speel-O-Theek De Speel-O-Theek in Haren werd al in 1987 opgericht en naast het uitlenen van speelgoed was destijds een belangrijke doelstelling om ouders in hun opvoedkundige taken te ondersteunen. De Speel-O-Theek was gehuisvest in het centrum van Haren bij de bibliotheek, maar ongeveer vijftien jaar geleden kon zij een accommodatie krijgen in het nieuwe pand de Octopus aan de Mellensteeg. Daar heeft ze een mooie ruimte tot haar beschikking waar talloze spelletjes en heel veel speelgoed overzichtelijk zijn uitgestald. “Ja, er zijn zelfs nog spelletjes bij die al gekocht zijn bij de start van de Speel-O-Theek”, vertelt Joanne lachend. Gebruikers Er maken ongeveer 150 gezinnen gebruik van de diensten van de Speel-O-Theek en tijdens de openingsuren komen diverse ouders met hun kinderen langs om speelgoed te lenen. Vier weken mag er thuis mee gespeeld worden en dan moet het weer worden ingeleverd. Een enkele keer wordt er beschadigd speelgoed teruggebracht, maar in het algemeen gaan de leden erg zuinig met het materiaal om. Werkzaamheden De vrijwilligers hebben verschillende taken. Eén groep zorgt ervoor dat het uitleenmateriaal in goede staat blijft. Een andere groep houdt zich bezig met de aanschaf van nieuw speelgoed. Daarvoor is een budget beschikbaar en het internet en speelgoedwinkels worden wekelijks afgestruind op zoek naar degelijk en aantrekkelijk maar ook actueel speelgoed. De kosten van aanschaf worden gefinancierd uit de opbrengsten van de contributie van de leden en van de jaarlijks terugkerende kinderkledingbeurzen die onder verantwoordelijkheid van de Speel-O-Theek wordt georganiseerd. En natuurlijk zijn er vrijwilligers die werken tijdens de uitleenochtenden. Nieuwe collega’s De Speel-O-Theek is enkele morgens in de week geopend en wanneer er zich meer vrijwilligers  melden kunnen de openingsuren verruimd worden. Eén van de taken is het werk aan de balie. Daar wordt het teruggebrachte weer in ontvangst genomen, gecontroleerd en verwerkt in het systeem en als de bezoekers nieuw speelgoed hebben uitgezocht wordt dat eveneens in het systeem opgeslagen. “Werken in deze Speel-O-Theek is heerlijk ontspannend en bovendien hartstikke gezellig”, zegt Maartje. Aandoenlijk De Speel-O-Theek heeft ook verkleedkleren te leen en na verloop van tijd is het materiaal versleten. Maartje: “Laatst wilde een jongetje een spidermanpak lenen. Ik bekeek het kostuum en eigenlijk kon het niet meer uitgeleend worden. Daarom zei ik dat hij  het pak wel mocht houden. Zelden heb ik een kind zo blij de Speel-O-Theek uit zien gaan.” Joanne: “Ja, zoiets wil je toch niet missen!” Tekst en beeld: Jan de Koning
Lees meer

Vrijwilligerswerk bij een sportvereniging

| Vrijwilligersverhalen

Hun vrijwilligerswerk heeft maar weinig met sport te maken. Ze fluiten geen wedstrijden en ze zijn ook geen coaches, maar hun werk is minstens zo belangrijk. Als dit soort vrijwilligers het bijltje erbij neergooit, zal de vereniging over niet al te lange tijd met al haar activiteiten moeten stoppen. Aaldrik Ruitinga en Wiebe Schoonhoven Aaldrik Ruitinga en Wiebe Schoonhoven verzorgen de verschillende technische klussen in de gebouwen van voetbalvereniging Oranje Nassau. “Ik was een minder getalenteerde voetballer,” vertelt Aaldrik, “maar ik heb daarnaast altijd met heel veel plezier vrijwilligerswerk gedaan bij de club; eerst als jeugdleider en later als functionaris van dienst op zaterdagmiddag. Dat betekende dat ik verantwoordelijk was voor de ontvangst van de scheidsrechter en de tegenstander van het eerste elftal.” Wiebe was er ook al vroeg bij. Als tienjarige voetbalde hij al bij Oranje Nassau. Vrijwilligerswerk deed hij in zijn jongere jaren in de kerk en in de buurt waar hij woonde. Vanaf zijn vijftigste keerde hij terug bij zijn oude club voor een wekelijks partijtje seniorenvoetbal en vanaf dat moment vormde hij samen met Aaldrik en Henk Kwant het klusteam van de vereniging. Coendersborg Al sinds jaar en dag heeft Oranje Nassau een paar velden op sportpark Coendersborg. Net als de meeste andere verenigingen heeft de club te maken met nogal wat ledenverlies. Sinds kort zijn de jeugdelftallen van de verenigingen op Coendersborg gefuseerd en dat heeft er mede toe geleid dat er steeds minder vrijwilligers gevonden konden worden, want de binding met de club, zoals die vroeger ervaren werd, is daardoor een stuk minder geworden. Toch is het vrijwilligerstekort niet alleen iets van deze tijd. Aaldrik vertelt: “Ik vond oude clubbladen in het archief en in 1949 werd er al geschreven dat er moeilijk vrijwilligers waren te vinden!” Werkzaamheden Het drietal klussers houdt zich voornamelijk bezig met herstelwerkzaamheden aan het clubhuis en de kleedruimten. De mannen krijgen geen opdrachten, maar zoeken zelf de klussen op. Tijdens een storm verdween het dak van de kleedruimte en een aanzienlijk deel van de reparatie werd in eigen beheer uitgevoerd. Het kleedkamergebouw is grotendeels door het klusteam vernieuwd evenals de containerruimten. Er liggen zonnepanelen op het dak en alle ruimten zijn sindsdien energiezuinig. De klussers hebben van de vereniging een klein eigen budget toebedeeld gekregen en hoeven dus niet voor elke reparatie aan te kloppen bij de penningmeester. Aaldrik en Henk zijn de meeste morgens van de week aan het werk in het clubgebouw en Wiebe in ieder geval twee morgens. Wat motiveert? Wiebe: “Och, soms leer je nog iets heel anders. Wij waren bezig de ijzeren omheining rond het hoofdveld te verwijderen en voor het oude ijzer lieten we een handelaar komen. Dan leer je te onderhandelen. Erg leuk!” Maar het is vooral de liefde voor de club die hen beiden motiveert. Bovendien leggen ze ook veel nieuwe contacten. En ze weten dat mede door hun inspanningen jongeren kunnen blijven sporten. Tips De mannen hebben nog wel enkele tips: “Wij weten dat iedereen in de club het werk vrijwillig doet, dat geldt voor de bestuursleden evenals voor de man achter de bar. Maar hoe dan ook, wees zuinig op je vrijwilligers en toon ook regelmatig belangstelling voor hun inspanningen.” Tekst en beeld: Jan de Koning
Lees meer