Navigatie overslaan
link050 Home
  • Besturenloket
  • Bedrijven
  • Workshops
Account aanmakenLog in

Contact

  • Herestraat 100, 9711 LM Groningen, Nederland
  • info@link050.nl
  • 050 – 3051 900

link050

  • Voor vrijwilligers
  • Voor organisaties
  • Voor bedrijven
  • Veelgestelde vragen
  • Over ons
  • Openingstijden

Doe mee

  • Vacatures / trainingen
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Cookies

Powered by Deedmob tools ·
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | oktober 2024 | Vrijwilligersverhalen | 2 min lezen

Gezellig fietsen met vrouwen bij Jasmijn

Door

Johnno Bosma

Twee keer in het jaar organiseert vrouwencentrum Jasmijn een fietscursus, in het voor- en najaar. Vrijwilligers ondersteunen de cursisten tijdens het praktijk gedeelte van de cursus (dus tijdens het oefenen op de fiets). Je fietst dan samen met een of twee cursisten, eerst vlakbij op een plein en daarna in de omgeving.

Fietsen in het buitenland? Kan gevaarlijk zijn!

Patricia Wikkeling is al 30 jaar activiteiten coördinator bij Jasmijn. “Jasmijn bestaat al sinds 1987 en sinds 1989 geven we fietslessen. Daar was grote behoefte aan. Kinderen leren hier in Nederland als eerste om te fietsen, dat is heel gewoon bij ons. Nederland is immers een fietsland, maar vrouwen uit andere landen zijn fietsen niet gewend. In de meeste landen waar onze cursisten vandaan komen wordt niet gefietst, het is gewoon te gevaarlijk en er zijn geen fietspaden. Gelukkig nam het vrouwencentrum uit Tilburg het initiatief om dit op te zetten en hebben ze andere vrouwencentra benaderd om dit ook te doen, en dat leek ons wel wat.” Jasmijn kon gebruikmaken van een fietsboekje met verkeersregels dat in Tilburg ontwikkeld was.

Fietsboekjes met verkeersregels

“Intussen heeft de provincie Groningen ook een boekje ontwikkeld, in allerlei talen en met veel plaatjes, dus nu gebruiken we beide. Maar we hebben nog steeds behoefte aan begeleiders.” De cursisten krijgen een theoriemap met beide boekjes en een veiligheidshesje, daarna beginnen ze in het Molukkenplantsoen in de Indische buurt. “Daar mogen we het schoolplein van de school gebruiken, daar krijgen de cursisten de eerste vier lessen. Daarna gaan we de weg op. We hebben de beschikking over tien fietsen, dus de cursisten hoeven hier niet op een eigen fiets naartoe,” lacht Patricia.

Geen ongelukken

“Er zijn hier al honderden vrouwen geweest die nu kunnen fietsen en er zijn nauwelijks ongelukken gebeurt. Er is nog nooit iemand naar de dokter of ziekenhuis geweest. Cursisten moeten wel een formulier ondertekenen dat ze bij eventuele ongelukken hun eigen verzekering aan kunnen spreken. Maar dat is nog nooit aan de hand geweest. En na afloop krijgen ze een certificaat; er is geen examen want ze krijgen feedback gedurende de cursus. We zouden graag vijf fietsvrijwilligers in totaal willen hebben, maar meer mag natuurlijk ook. Een docente hebben we ook. We fietsen in groepjes van tien. De fietsvrijwilligers zijn heel divers, met een baan ernaast, gepensioneerd of studenten, alles is welkom. En het is heel gezellig met een groepje te gaan fietsen,” vertelt Patricia enthousiast. “En na de praktijkles is er elke keer de theorieles.”

Na afloop van de cursus wordt de tip gegeven een 2e hands fiets te kopen, soms kan dat via de gemeente. “Vroeger kregen we nog wel eens een fiets uit de buurt maar sinds de lockdown is dat veranderd, misschien door het gebruik van internet, zoals verkoopsites,” aarzelt Patricia dat te verklaren. “Overigens is Jasmijn heel laagdrempelig, ook al spreek je de taal nog niet goed.”

In de vacature voor fietsbegeleider vind je alle informatie.

tekst: Annette Doornbosch
beeld: Patricia Wikkeling, op de foto Wilma en Caroline, beide fietsbegeleider 

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Een ontmoeting tussen een nieuwe Groninger en een local

| Vrijwilligersverhalen

Dit artikel verscheen eerder in ons  thema magazine over nieuwkomers . Terwijl het voor de rest van Nederland een goed bewaard geheim is gebleven, weet iedereen die in Groningen woont dat het tegelijk een nuchtere stad én een bruisende internationale metropool is. Voor alle internationals die in Noord-Nederland komen wonen of werken, huisvest Groningen het International Welcome Center North. Deze organisatie biedt iedereen die het nodig heeft informatie over wonen, werken, studeren en ondernemen in het Noorden, en brengt internationals en locals bij elkaar via het programma My local friend. Via dit programma leerden Sinem en Wiebe elkaar in 2024 kennen. Wiebe, de local, werkte voor zijn pensioen op de Rijksuniversiteit Groningen en begon het internationale contact te missen. Dus meldde hij zich aan bij dit internationale maatjesproject. Sinem werkte vroeger als docent Engels op een universiteit in Turkije en is in Nederland komen wonen omdat haar man een baan als ingenieur in Nederland kreeg. Terwijl ze op zoek was naar een baan als docent Engels op een middelbare school, wilde ze ook graag Groningers leren kennen. “Omdat mijn man en veel van zijn collega’s expats zijn is het niet altijd makkelijk om Nederlandse vrienden te maken. Daarom meldde ik me aan voor My local friend.” En zo ontmoette ze Wiebe. Vriendschap Normaal gesproken ontmoeten ze elkaar één keer per week en praten ze over koetjes en kalfjes, in het Nederlands. De gedachte achter het project is dat mensen de taal kunnen oefenen, maar voor Wiebe en Sinem is het project waardevoller dan dat. Wiebe houdt erg van de internationale context en contact hebben met andere culturen: “Naast dit project zijn er ook allerlei andere evenementen via het IWCN, dus daar kunnen we ook heen en mensen uit verschillende landen ontmoeten.” Sinem vult aan: “Ik wilde graag met meer vertrouwen Nederlands kunnen spreken met mensen, maar ondertussen word je ook vrienden. Dus het is heel leuk om zo ook iemand uit je stad beter te leren kennen.” Elkaar begrijpen Volgens Sinem zit er een verschil tussen de taal begrijpen en de taal goed spreken. “Het blijft moeilijk om lastige woorden ook te gebruiken. Zo hadden we het laatst over versplinteren. Van veel van dat soort woorden weet ik wat ze betekenen, maar als ik zelf spreek gebruik ik toch vaak makkelijkere woorden.” Volgens Wiebe is Sinem ook een beetje een perfectionist. “Ze spreekt echt al heel goed Nederlands. Maar het is belangrijk om vaak te oefenen. Binnenkort gaan we drankjes doen bij Sinem thuis, samen met haar man. En dan gaan we de hele avond Nederlands praten.” Omdat Wiebe zelf een paar jaar in Namibië heeft gewoond, weet hij ook hoe het is om een expat te zijn in een andere stad. “Ik herinner me nog goed hoe lastig het kan zijn om mensen te leren kennen in een nieuw land. Dat maakt het extra leuk om nu voor iemand anders een lokale vriend te zijn.” Een tekort Het maatjesproject My local friend is bedoeld voor mensen die al op taalniveau A2 of B1 zitten. Zo kunnen de gesprekken ook echt in het Nederlands gevoerd worden. Sinem woonde voor ze in Groningen kwam al even in Amsterdam. Zodoende wist ze al een en ander over Nederland en had ze al wat van de taal geleerd. Toen ze zich aanmeldde werd ze toch eerst op de wachtlijst geplaatst voor ze aan iemand werd gekoppeld. Er is namelijk een tekort aan locals. Daarom is de aanmelding voor nieuwkomers tijdelijk gesloten, terwijl mensen wiens moedertaal Nederlands is zich nog wel kunnen aanmelden. Sinem: “Ik zou graag zien dat meer locals zich aanmelden zodat de wachtlijst verdwijnt. Het is echt heel fijn om op deze manier stadsgenoten te leren kennen. Dankzij mijn gesprekken met Wiebe ben ik veel zelfverzekerder als ik Nederlands spreek.” Wiebe kan het de locals aanbevelen: “Ik zou meedoen zeker aanraden. Het is heel leuk om te doen. En als je het leuk vindt om ook aan andere activiteiten mee te doen, leer je heel veel mensen uit andere culturen kennen.” Tekst: Johnno Bosma Beeld: Eline Doornbos
Lees meer

“Ik mag weer meedoen”

| Vrijwilligersverhalen

Je kunt gerust zeggen dat dit vrijwilligerswerk een keerpunt lijkt te worden in zijn leven. Hij is hier in zijn element en ziet mogelijkheden om in een heel andere richting een vervolg aan zijn carrière te geven. Burn-out Jarenlang was Arjen Maat werkzaam in de techniek, onder meer als projectleider, totdat hij te maken kreeg met een heftige burn-out. Gelukkig kreeg Arjen al snel weer een drive om andere werkzaamheden op te pakken en via link050 ontdekte hij dit vrijwilligerswerk bij De Weide Blik in Hoogkerk. De Weide Blik Stichting De Weide Blik biedt mensen met uiteenlopende zorgvragen een zinvolle en leerzame begeleide werkplek op maat aan. De stichting heeft twee locaties. In Aduard is er een zorgboerderij en in Hoogkerk een leer-werkbedrijf. Kleine projecten Arjen las dat ze bij De Weide Blik iemand zochten die een oude boerenwagen zou willen opknappen. “Dat leek me een leuke uitdaging en de afgelopen maanden heb ik, samen met een collega, heel wat uurtjes aan deze wagen besteed. Ik werk hier twee dagen in de week en ik merkte dat het me goed deed.” Inmiddels is hij met diezelfde collega bezig met de bouw van een overdekte fietsenstalling bij De Weide Blik. Klein team In dit leer-werkbedrijf werken ongeveer zes mensen onder leiding van één werkbegeleider. De deelnemers kunnen bezig zijn met allerlei projecten. Er is een timmer- en een fietsenwerkplaats. Verder is er een grote tuin. Alle producten die gemaakt worden, worden in het kleine winkeltje van het leerbedrijf te koop aangeboden. De meeste deelnemers werken met veel plezier in deze instelling. Arjen: “Er heerst een hele veilige, prettig sfeer en de mensen hebben respect voor elkaar.” Motivatie Arjen kwam hier bijna een jaar geleden binnen als vrijwilliger, maar voelt zich inmiddels ook al wel een beetje een begeleider. “Ik trek veel op met één bepaalde deelnemer en ik kan de anderen ook veel leren door mijn technische achtergrond.” Arjen geniet vooral van de sociale component van dit werk: er is ruimte en aandacht voor elke deelnemer. Die kant heeft hij in het bedrijfsleven erg gemist. “Ik zie mensen opbloeien en dat boeit mij enorm. Een dag op De Weide Blik geeft mij heel veel voldoening. Ik mag weer meedoen!” Perspectief Arjen merkt dat deze adempauze in zijn leven heel goed voor hem is geweest. “Ik ben op het persoonlijke vlak enorm gegroeid en heb mezelf veel beter leren kennen.” Hij heeft weer voldoende vertrouwen in zijn toekomst. “Een baan bijvoorbeeld als werkbegeleider in een setting als deze, lijkt me fantastisch. Een leuke mix van sociale en technische vaardigheden. Dat zou erg goed bij mij passen. Ik zal dan wel weer aan de studie moeten, maar dat heb ik er graag voor over, want hoe mooi is het om van je werk te genieten!” Tekst en beeld: Jan de Koning
Lees meer

Een betere plaats voor de wereld

| Vrijwilligersverhalen

Midden in het Noord-Drentse dorp Vries staat het prachtige, onlangs gerenoveerde buurthuis, waarin de stichting  “Plaats de wereld”, gehuisvest is. Deze organisatie is al ruim 16 jaar een begrip in Vries en omgeving. Wat is “Plaats de wereld”? “Plaats de wereld” is een initiatief van Johan en Yvonne Westerhof om als kleinschalig project van de wereld een betere plaats te maken. Langzamerhand is het uitgegroeid tot een aansprekende sociale onderneming, gekenmerkt door ontmoeting en groene leefstijl. Vrijwilligers De stichting werkt voor het overgrote deel met vrijwilligers. De meesten van hen zijn één of meerdere dagdelen in één van de ateliers in het gebouw. Zo vind je er een naaiatelier, een houtwerkplaats en een ruimte waar met wol gewerkt wordt. Ook de tuin rond het gebouw is een atelier, waar verschillende groenten en kruiden worden verbouwd. Alle producten worden te koop aangeboden in het winkeltje. Coördinatoren De stichting telt 135 vrijwilligers en een aantal van hen zijn gevraagd om de coördinatie binnen het bedrijf te doen. Een coördinator zorgt dat de vrijwilligers die zich aanmelden op de plek komen waar ze zich thuis voelen en houdt feeling met hen. Coördinatoren hebben ook onderling overleg en organiseren onder meer de vrijwilligersdag. Paula Smit Eén van deze coördinatoren is Paula Smit. Paula woont al jaren in Vries en ze is sinds twee jaar betrokken bij deze stichting. Als je met haar praat, merk je dat ze die taak met veel plezier doet. Omdat er een tekort aan coördinatoren is, is Paula wel wat vaker dan één dagdeel aanwezig, maar ze leert steeds meer mensen kennen en daar geniet ze van. Paula: “Ik ken nu veel meer mensen uit het dorp en ik vind het fijn om op deze manier zinvol bezig te zijn en iets te betekenen voor de wereld om mij heen.” Het coördineren is Paula op het lijf geschreven. “Ik zet mensen graag in hun kracht op een plek waar ze zich prettig voelen.” Groepsproces De vrijwilligers komen uit alle lagen van de bevolking. Sommigen zitten in een re-integratieproces of hebben afstand tot de arbeidsmarkt, anderen zijn met pensioen en willen graag iets terugdoen voor de samenleving. Ook melden mensen zich aan uit asielzoekerscentra. “En al deze verschillende mensen zitten in de groep. Je begrijpt dat groepsprocessen dan ook de nodige aandacht vragen. Maar ik vind dat heel leuk en leerzaam om daarin de mensen te begeleiden.” Uitbreiding Paula vertelt ook enthousiast over de uitbreidingsplannen van de stichting. “Naast de dorpslunch en het dorpsdiner iedere maand, zijn we bezig een theeschenkerij op te zetten voor wandelaars en fietsers die ons dorp aandoen. Daarnaast zijn we begonnen met avonturenclub voor kinderen in het dorp om hen meer bewust te maken van de natuur om hen heen.” Het concept van deze stichting spreekt Paula heel erg aan. “Mensen met elkaar verbinden en de zorg voor de natuur meer onder de aandacht brengen heeft mijn hart.” Vacatures Naast coördinatoren heeft de stichting ook plaats voor vrijwilligers in de horecasector en voor gastheren of -vrouwen . Die vervullen een rol in het winkeltje, zijn verantwoordelijk voor de ontvangst van bezoekers en verzorgen de koffie voor de vrijwilligers. Tekst en beeld: Jan de Koning
Lees meer