Navigatie overslaan
link050 Home
  • Besturenloket
  • Bedrijven
  • Workshops
Account aanmakenLog in

Contact

  • Herestraat 100, 9711 LM Groningen, Nederland
  • info@link050.nl
  • 050 – 3051 900

link050

  • Voor vrijwilligers
  • Voor organisaties
  • Voor bedrijven
  • Veelgestelde vragen
  • Over ons
  • Openingstijden

Doe mee

  • Vacatures / trainingen
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Cookies

Powered by Deedmob tools ·
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | augustus 2025 | Vrijwilligersverhalen | 2 min lezen

Een scheidsrechter vertelt

Door

Johnno Bosma

Dit artikel verscheen eerder in ons thema magazine over sport.

Hij en zijn jongere broer hebben het al van huis uit meegekregen: je moet wat over hebben voor de sportclub waar je kinderen lid van zijn. “Mijn ouders waren ook vaak bezig voor onze vereniging in onze geboorteplaats Emmen. Dat vonden ze normaal. Daardoor konden wij ook blijven sporten. Want sportactiviteiten zijn alleen maar mogelijk bij de gratie van veel vrijwilligheid.”

Elzo Dijkhuis
Aan het woord is de 62-jarige Elzo Dijkhuis. In het dagelijks leven projectmanager bij de gemeente Groningen. Elzo is zijn leven lang al fanatiek waterpoloër en hij speelt vanaf 1986 bij de zwemclub Trivia in de stad. Daarnaast zwemt hij meerdere keren per week in open water, zowel in de zomer als in de winter. In zijn jonge jaren was hij actief betrokken bij het team dat in de competitie meedraaide en omdat de club ook verplicht was scheidsrechters te leveren, volgde hij daar een cursus voor en leidde hij vele jaren diverse wedstrijden. Tijdens het opgroeien van zijn kinderen stopte hij met het fluiten, maar toen deze zelf ook weer betrokken raakten bij de sport, pakte hij de draad weer op en sindsdien is Elzo tijdens de competitie elk weekend in een zwembad te vinden als scheidsrechter.

Ervaring
Langzamerhand heeft Elzo veel ervaring opgebouwd en hij merkt dat daardoor het leiden van een wedstrijd een stuk gemakkelijker wordt. Jonge collega’s hebben er nog weleens moeite mee om vol te houden als scheidsrechter. “Het is ook geen eenvoudige klus omdat er zich ook veel (al of niet onrechtmatig) onder water afspeelt. Om een beslissing te nemen moet je daarom vaak ook afgaan op de reacties en lichaamshouding van de spelers en daarvoor is ervaring nodig.”

Duidelijkheid geven
Daarnaast is grondige kennis van het spel en de regels heel belangrijk. “Ik heb jarenlang op een hoog niveau gespeeld en ik weet zo langzamerhand wel wat zich voordoet gedurende een wedstrijd. Ik ben heel duidelijk tijdens het spel en na afloop blijf ik altijd aanwezig om mijn beslissingen toe te lichten. Ik merk dan dat veel spelers de regels eigenlijk niet goed kennen en dat ze die meestal graag willen leren.”

Fysiek
Waterpolo is fysiek de zwaarste teamsport. Het aanleren van een goede techniek is daarom ook erg belangrijk. “Ooit was er enige animositeit tussen het handbalteam en de waterpoloërs in onze gemeente en wij daagden het handbalteam uit voor een confrontatie. Het potje handbal verloren wij grandioos, maar de waterpolowedstrijd werd niet eens uitgespeeld: de handballers waren na één periode al volkomen total loss.”

Motivatie
Het is niet alleen de liefde voor de sport die Elzo voor dit werk motiveert. Hij vindt het ook mooi om op deze manier zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen. Als mensen zoals hij zich
beschikbaar stellen voor dit soort activiteiten, kunnen anderen van de sport blijven genieten. Elzo en zijn collega’s krijgen geen vergoeding voor dit werk. Ze betalen zelfs gewoon de contributie voor de vereniging. Maar hij merkt wel dat zijn inspanningen erg gewaardeerd worden en dat is voor hem voldoende. Mensen zoals Elzo zijn er gelukkig nog voldoende, maar als we met elkaar in beweging willen blijven, is er nog veel vrijwilligheid nodig.

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Nynke spreekt – via het Humanistisch Verbond-  op uitvaarten

| Vrijwilligersverhalen

“Het is fijn dat je dit als vrijwilliger kan doen voor mensen die geen hoge opleiding, veel geld of een dominee op de achtergrond hebben. Je komt bij mensen thuis op een verdrietig moment, zeker; maar het is ook een bijzonder moment omdat het echt ergens over gaat, er is geen bla bla en dat is mooi. Ik vind het een prachtig beroep.” Herinneringen “Als ik gevraagd word om te spreken op de uitvaart ga ik met de mensen praten om meer te weten te komen over de overledene. Ik begin het gesprek altijd door te vragen hoe de afgelopen dagen zijn gegaan en dan hoor je iets over het ziekte- en sterfproces. Dan zijn ze dat kwijt en kun je daarna vragen naar jaartallen en feiten uit iemands leven. Dan komen de herinneringen boven. Families vinden het vaak heel fijn om dit te kunnen delen, ook met elkaar. Je hoort vaak hele bijzondere verhalen. Ik vind ieders levensverhaal fascinerend.” Mooie verhalen “Er was die keer dat ik in gesprek was met allemaal broers en zussen vanwege de oudste broer die overleden was. Ze vertelden dat ze als kinderen  uit huis waren geplaatst en dat de oudste broer altijd gezorgd had dat de broers en zussen elkaar bleven zien. Hij voelde zich, zo jong als hij was, toch verantwoordelijk. Ze herinnerden zich ook nog het lekkers dat hij voor ze bij elkaar spaarde. Zo ontroerend. En dat is het: er kan veel ellende zijn maar je krijgt ook altijd het mooiste van iemand te zien.” Een paar dagen “Als er een oproep is ben ik er altijd een paar dagen heel intensief mee bezig en dan heb ik weinig ruimte voor andere dingen. Ik moet ook nadenken over wat voor kleren ik aan trek en daarbij pas ik me bij de familie aan. De toespraak die ik heb geschreven laat ik altijd vooraf lezen en je overlegt met de uitvaartbegeleider. Ik wil bijvoorbeeld niet dat er tijdens mijn toespraak dia’s getoond worden, dat leidt af.” Een rood draadje “Als je dit wil doen moet je echt interesse in mensen en hun leven hebben, empathisch zijn en je moet natuurlijk goed kunnen luisteren. Het is ook belangrijk dat je in de verhalen die de familie vertelt een rode draad weet te ontdekken waaromheen je je toespraak bouwt. Ik probeer altijd met een lichte, troostende toon te eindigen.” Een poule van sprekers “We hebben een poule van sprekers en die zou wel wat groter mogen zijn omdat we soms nee moeten verkopen omdat niemand van ons kan. Dat is echt jammer. Ik heb het nu ongeveer tien keer gedaan in de afgelopen twee jaar. Het is wel fijn dit met een zekere regelmaat te doen zodat je iets van routine kan opbouwen.” Gedegen opleiding “Nieuwe sprekers krijgen een heel gedegen professionele opleiding van twee weekenden, er is intervisie en er zijn terugkomdagen. Tijdens die dagen doen we niets anders dan ervaringen uitwisselen en dat is echt heel mooi. Tijdens de opleiding wordt ook wel duidelijk of je hiervoor geschikt bent.” Interesse? Hier vind je de vacature van Humanistisch spreker bij uitvaarten. Tekst : Jeanet Verveer beeld: Ronald Doevelaar
Lees meer

Vrijwilliger in de Martinikerk

| Vrijwilligersverhalen

Ik bel aan bij de achterdeur en Ton doet open. We lopen een wenteltrap omhoog en gaan via een gangetje de Librije binnen; een prachtige kamer met uitzicht op het Martinikerkhof. Ik ben in de Martinikerk waar Ton (78) al twintig jaar vrijwilliger is. Het gebouw, de geschiedenis Nog voor ik een vraag gesteld heb begint hij te vertellen over de kamer, het gebouw, de geschiedenis en wanneer ik even gluur in een grote kast haalt hij er een vaasachtig voorwerp uit en vertelt: “Zo’n veertig van deze ‘vazen’ vind je, met de opening naar beneden, op een bepaalde plek in het plafond van de kerk. Ik ga wel eens met een groepje bezoekers daar onder staan en dan merken ze dat daar geen galm is, omdat de potten dat wegvangen.” Dit is een van de vele verhalen die Ton vertelt in het uurtje dat we door de kerk lopen. Anekdotes en verhalen Ton was leraar Engels aan het St Maartencollege en organiseerde ook nog jarenlang culturele reizen naar Rome dus als leraar met belangstelling voor architectuur en geschiedenis is hij hier helemaal op z’n plek. De vrijwilligers staan bij de balie waar mensen binnen komen en twee euro betalen voor het bezoek. Maar Ton vertelt ook veel. “Als ik zie dat er een paar mensen ergens staan te kijken (en er is veel te zien in de kerk) dan ga ik erbij staan en begin te vertellen en voor je het weet staan er nog tien andere mensen om je heen te luisteren.”  Hij vindt het hartstikke leuk. “Ik heb geleerd aan een groep te zien hoe boeiend of hoe saai ze het vinden dus ik kort het verhaal in of breidt het uit.  Als leraar weet ik dat je niet met feitjes en jaartallen moet komen maar met anekdotes”. Gewelven Ton: “Ik ben in het begin een aantal keer met een rondleiding mee geweest en er is een boek over de geschiedenis van de kerk geschreven, gaandeweg kom je steeds meer te weten.”  Hij leidt ook groepen mensen rond over de gewelven bovenin. “Dat is absoluut spectaculair, ik ga eerst even met ze in de kerk staan en dan wijs ik naar boven en zeg ‘straks sta je daar bovenop’ .” De zeven werken van Barmhartigheid Het is een prachtige kerk waar veel te zien is. In de kooromgang hangen schilderijen van Egbert Modderman, ‘De Zeven Werken van Barmhartigheid’  waar Ton ook heel veel over weet te vertellen. (Achterin de kerk hangt ook een achtste werk: Zorg voor de Schepping/Het milieu Hij vindt de schilderijen prachtig en vertelt dat hij de schilder mag bellen (hij woont vlakbij) als iemand iets wil weten of erg geraakt is. De schilderijen maken vaak veel indruk vanwege hun emotionele intensiteit. In principe heb je één keer in de twee weken samen met een andere vrijwilliger dienst,  maar er zijn wat weinig vrijwilligers, dus is Ton er elke week te vinden. “Elke keer als ik dienst heb gehad gebeurt er iets wat nog nooit eerder is gebeurt en dat hoeven geen spectaculaire dingen te zijn.”  Zo te horen is er afwisseling genoeg. Heb je belangstelling dan vind je hier de vacature. Tekst en beeld: Jeanet Verveer
Lees meer

‘Een leuke ploeg enthousiaste muziek- èn tuinliefhebbers!

| Vrijwilligersverhalen

Zo omschrijven Loes Hogenhuis en Efiena Bil hun team van ongeveer veertig vrijwilligers. Samen zetten zij zich met hart en ziel in voor hun Museum Vosbergen. Het muziekmuseum is gevestigd in een prachtig pand op een prachtige plek: het in de buurt van Eelde gelegen landgoed met dezelfde naam. https://youtu.be/azJzb1-EgT4 Keihard gewerkt Ik keek m’n ogen uit toen Loes en Efiena ons de in de negentiende eeuw gebouwde villa lieten zien. Het pand heeft meerdere organisaties onderdak geboden; het heeft bijvoorbeeld in de jaren vijftig van de vorige eeuw een conferentieoord van de RUG gehuisvest. Het gebouw heeft ook slechtere tijden gekend, o.a. door leegstand. In 2000 werd op initiatief van Dick en Rieteke Verel begonnen met het ‘in oude schoonheid herstellen’ (sic) van het pand.  Een enorme klus! En dan te bedenken dat er in het begin nog maar twee of drie (!) vrijwilligers waren. Na slechts ruim twee jaar werd het pand in november 2002 voor het publiek geopend, met als nieuwe bestemming: een muziekmuseum. Ongeveer 1000 muziekinstrumenten Museum Vosbergen herbergt ongeveer 1000 muziekinstrumenten: van violen tot vleugels, van gitaren tot gongs, van trombones tot trommels, en ga zo maar door. Prachtig uitgestald in meerdere ruimtes, waaronder ook een kleine concertzaal. Wanneer daar concerten voor publiek worden verzorgd, schuiven en tillen (!) de vrijwilligers alle grote instrumenten opzij en maken zo ruimte vrij voor de luisteraars. Deze mensen zijn de echte helden van het museum: ze doen alles, maar dan ook echt alles, zelf. De ontvangst van bezoekers, het voorbereiden en geven van rondleidingen, het verzorgen en onderhouden van de tuin, het zetten en serveren van koffie en thee met wat zelfgebakken lekkers, de was draaien en last but not least de kleine en grote schoonmaak van – gelukkig alleen de binnenkant – van het pand. ‘We mopperen nog wel ’s hoor’ Dat zeggen Loes en Efiena met een grote lach. Want er is al zó enorm veel gedaan en gebeurd; dat zullen ze nooit vergeten. Soms zie je alleen even wat er allemaal nog móet gebeuren en dan vergeet je wat er allemaal al gedaan ís! Ze vertellen: ‘We hebben nog regelmatig contact met Dick’. Hij is inmiddels 85; zijn vrouw Rieteke is overleden. ‘Hij weet zó ontzettend veel en hij kan ook ontzettend veel.’ Zo heeft hij bijvoorbeeld alle uitleg die bezoekers via een koptelefoon kunnen horen, zelf ingesproken. En als voormalig docent exacte vakken kan hij ook precies uitleggen wat geluid is, wat trillingen zijn. Ter geruststelling: dat doet hij alleen wanneer bezoekers daarin geïnteresseerd zijn! Jonger publiek is van het harte welkom! De vrijwilligers steken veel energie in het verwelkomen van een jonger publiek. Ze hebben contact gelegd met de scholen in de regio en hebben inmiddels al heel wat basisschoolleerlingen in hun museum ontvangen. Voorafgaand aan zo’n bezoek krijgen ze eerst op hun eigen school een gastles van een musicus. Daarna komen ze naar Vosbergen, en vervolgens maken ze op school een instrument waar écht geluid uit komt. Wat een prachtig project! Oktobermaand Kindermaand Het team wil in ieder geval in de herfstvakantie (26 oktober-3 november) de hele week open zijn. Er worden rondleidingen gegeven, de kinderen maken een instrument, er is een speurtocht uitgezet… alles in het kader van de ‘anti-vergrijzing’ (sic). Liefst willen ze de hele maand oktober open zijn… of dat lukt hangt ook af van het aantal nieuwe vrijwilligers: Vrijwilligers gezocht! Niet alleen voor de oktobermaand, maar ook voor langere tijd, is het team op zoek naar enthousiaste collega’s. Kijk daarvoor op de website van het museum   Voor alle functies geldt dat je liefst minimaal twee keer per maand beschikbaar bent én dat je jezelf herkent in het compliment dat de vrijwilligers regelmatig krijgen: ‘Het is hier zo gemoedelijk; jullie hebben gelukkig tijd voor een praatje!’ Film : Bart Nieuwold Tekst:  Magda Bootsma
Lees meer