Navigatie overslaan
link050 Home
  • Besturenloket
  • Bedrijven
  • Workshops
Account aanmakenLog in

Contact

  • Herestraat 100, 9711 LM Groningen, Nederland
  • info@link050.nl
  • 050 – 3051 900

link050

  • Voor vrijwilligers
  • Voor organisaties
  • Voor bedrijven
  • Veelgestelde vragen
  • Over ons
  • Openingstijden

Doe mee

  • Vacatures / trainingen
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Cookies

Powered by Deedmob tools ·
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | augustus 2025 | Vrijwilligersverhalen | 3 min lezen

Een ontmoeting tussen een nieuwe Groninger en een local

Door

Johnno Bosma

Dit artikel verscheen eerder in ons thema magazine over nieuwkomers.

Terwijl het voor de rest van Nederland een goed bewaard geheim is gebleven, weet iedereen die in Groningen woont dat het tegelijk een nuchtere stad én een bruisende internationale metropool is. Voor alle internationals die in Noord-Nederland komen wonen of werken, huisvest Groningen het International Welcome Center North. Deze organisatie biedt iedereen die het nodig heeft informatie over wonen, werken, studeren en ondernemen in het Noorden, en brengt internationals en locals bij elkaar via het programma My local friend.

Via dit programma leerden Sinem en Wiebe elkaar in 2024 kennen. Wiebe, de local, werkte voor zijn pensioen op de Rijksuniversiteit Groningen en begon het internationale contact te missen. Dus meldde hij zich aan bij dit internationale maatjesproject. Sinem werkte vroeger als docent Engels op een universiteit in Turkije en is in Nederland komen wonen omdat haar man een baan als ingenieur in Nederland kreeg. Terwijl ze op zoek was naar een baan als docent Engels op een middelbare school, wilde ze ook graag Groningers leren kennen. “Omdat mijn man en veel van zijn collega’s expats zijn is het niet altijd makkelijk om Nederlandse vrienden te maken. Daarom meldde ik me aan voor My local friend.” En zo ontmoette ze Wiebe.

Vriendschap
Normaal gesproken ontmoeten ze elkaar één keer per week en praten ze over koetjes en kalfjes, in het Nederlands. De gedachte achter het project is dat mensen de taal kunnen oefenen, maar voor Wiebe en Sinem is het project waardevoller dan dat. Wiebe houdt erg van de internationale context en contact hebben met andere culturen: “Naast dit project zijn er ook allerlei andere evenementen via het IWCN, dus daar kunnen we ook heen en mensen uit verschillende landen ontmoeten.” Sinem vult aan: “Ik wilde graag met meer vertrouwen Nederlands kunnen spreken met mensen, maar ondertussen word je ook vrienden. Dus het is heel leuk om zo ook iemand uit je stad beter te leren kennen.”

Elkaar begrijpen
Volgens Sinem zit er een verschil tussen de taal begrijpen en de taal goed spreken. “Het blijft moeilijk om lastige woorden ook te gebruiken. Zo hadden we het laatst over versplinteren. Van veel van dat soort woorden weet ik wat ze betekenen, maar als ik zelf spreek gebruik ik toch vaak makkelijkere woorden.” Volgens Wiebe is Sinem ook een beetje een perfectionist. “Ze spreekt echt al heel goed Nederlands. Maar het is belangrijk om vaak te oefenen. Binnenkort gaan we drankjes doen bij Sinem thuis, samen met haar man. En dan gaan we de hele avond Nederlands praten.”

Omdat Wiebe zelf een paar jaar in Namibië heeft gewoond, weet hij ook hoe het is om een expat te zijn in een andere stad. “Ik herinner me nog goed hoe lastig het kan zijn om mensen te leren kennen in een nieuw land. Dat maakt het extra leuk om nu voor iemand anders een lokale vriend te zijn.”

Een tekort
Het maatjesproject My local friend is bedoeld voor mensen die al op taalniveau A2 of B1 zitten. Zo kunnen de gesprekken ook echt in het Nederlands gevoerd worden. Sinem woonde voor ze in Groningen kwam al even in Amsterdam. Zodoende wist ze al een en ander over Nederland en had ze al wat van de taal geleerd. Toen ze zich aanmeldde werd ze toch eerst op de wachtlijst geplaatst voor ze aan iemand werd gekoppeld. Er is namelijk een tekort aan locals. Daarom is de aanmelding voor nieuwkomers tijdelijk gesloten, terwijl mensen wiens moedertaal Nederlands is zich nog wel kunnen aanmelden. Sinem: “Ik zou graag zien dat meer locals zich aanmelden zodat de wachtlijst verdwijnt. Het is echt heel fijn om op deze manier stadsgenoten te leren kennen. Dankzij mijn gesprekken met Wiebe ben ik veel zelfverzekerder als ik Nederlands spreek.” Wiebe kan het de locals aanbevelen: “Ik zou mee doen zeker aanraden. Het is heel leuk om te doen. En als je het leuk vindt om ook aan andere activiteiten mee te doen, leer je heel veel mensen uit andere culturen kennen.”

Tekst: Johnno Bosma
Beeld: Eline Doornbos

Wil jij ook een maatje zijn voor My local friend? Bekijk dan de details op deze aanmeldpagina.

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Gasten verwelkomen in de Plutozaal

| Vrijwilligersverhalen

Buurtcentrum Plutozaal is een ontmoetingsplek voor bewoners in de wijk Paddepoel. Het centrum organiseert activiteiten zoals een koffieochtend en een spelletjesmiddag. Ook is de zaal te huren voor bijvoorbeeld workshops, vergaderingen en lezingen. Vrijwilligers Etie Boerma (92) en Carla Lustig (81) zijn al jaren actief om de gasten die afkomen op de activiteiten te verwelkomen en van koffie en thee te voorzien. De rol van de Plutozaal De Plutozaal in Paddepoel is al jaren een plek van ontmoeting. Iedereen die behoefte heeft aan gezelschap is welkom, of je nou jong bent of oud, benadrukt Eti. Ook de mensen die begeleid wonen via Lentis kunnen er terecht voor spelletjes, koffie, cursussen en muziek. Gastvrouwen met hart voor de wijk Etie werkte haar hele leven met mensen en toen ze met pensioen ging greep ze de kans om als gastvrouw aan de slag te gaan bij het Buurtcentrum in Paddepoel. Ze doet dit werk met plezier, omdat ze geniet van het contact en de gezelligheid. Carla is al jaren een vertrouwd gezicht in de zaal. Voor haar is het vanzelfsprekend om iets voor de wijk te betekenen. Niet ingewikkeld, wel waardevol Etie en Carla zijn de gastvrije schakel tussen de zaal en haar bezoekers. Het werk is niet ingewikkeld maar wel waardevol. Etie: “Voorafgaand aan de activiteit maken we de zaal klaar, zetten koffie en thee, en creëren een sfeer waarin mensen zich op hun gemak voelen. Tijdens de activiteiten bieden we een luisterend oor, en na afloop ruimen we op.” Samen plannen Carla: “Elke donderdag bespreken we samen met het bestuur de planning voor de komende week. Op donderdag hebben we standaard een koffieochtend en een spelletjesmiddag. Er wordt fanatiek gesjoeld en de Rummikub komt op tafel. Elke laatste vrijdag van de maand staat in het teken van muziek: dan is er een gezellige muziekavond. Omdat de zaal verhuurd wordt, zijn we ook aanwezig bij vergaderingen of andere bijeenkomsten. In dat geval stemmen we onderling af wie wanneer gastvrouw kan zijn.” Extra gastvrouw Eti en Carla hopen op een extra gastvrouw voor versterking van het team. Eti: “Het zou fijn zijn het werk te kunnen verdelen over meer mensen. We zoeken iemand die zich prettig voelt in een omgeving met verschillende soorten mensen, en die niet schrikt van een beetje flexibiliteit: soms zijn er extra activiteiten of bijeenkomsten waarbij we spontaan inspringen.” Carla vult aan: “We zoeken een betrokken, gastvrije collega die met ons meedenkt en meehelpt om van elke bijeenkomst een warme, goed georganiseerde ervaring te maken.” Een zaal in beweging Op dit moment krijgt de Plutozaal een frisse impuls: er komt een nieuwe bar en een keuken met meer mogelijkheden. Zo blijft het Buurtcentrum van betekenis voor de Paddepoelsters en kunnen nieuwe activiteiten georganiseerd worden. Voor een nieuwe gastvrouw is dat een extra leuke reden om aan te haken: je stapt in een plek die vernieuwt en kansen biedt om iets moois neer te zetten. Tekst en beeld: Esther Compaan
Lees meer

De Wachter komt op stoom

| Vrijwilligersverhalen

Vlakbij het Zuidlaardermeer staat een prachtige gerestaureerde molen, gebouwd rond het midden van de 19 e eeuw. Deze olie-, koren- en specerijenmolen maakt deel uit van het museum De Wachter dat op hetzelfde terrein te vinden is. Je vindt er een klompenmakerij, een smederij, een houtzagerij en een tentoonstellingszaal met talloze oude gebruiksvoorwerpen. Twee bestuursleden Het museum wordt helemaal gerund door vrijwilligers. Bijna 200 mensen dragen bij aan de instandhouding van De Wachter. Antje van Timmeren en Jan Jansen vertellen er meer over. Antje is er al ruim 15 jaar vrijwilliger, eerst onder meer als rondleider. Tegenwoordig heeft ze een bestuursfunctie en de meeste tijd besteedt ze aan de groepsreserveringen. Jan Jansen is sinds enkele jaren betrokken bij De Wachter en tegenwoordig voorzitter van het bestuur. Hij begeleidt de vrijwilligers bij allerlei werkzaamheden in het museum en netwerken is een belangrijk onderdeel van zijn functie. De basis is stoom Aanvankelijk werkte de molen op windkracht, later werd stoom de belangrijkste energiebron. In De Wachter draait heel veel op stoom, niet alleen in de molen, maar ook bij de rondvaartboot en het treintje die bij het museum horen. Jansen is één van de kapiteins op het rader-stoombootje dat in de zomermaanden diverse rondvaarten op het Zuidlaardermeer verzorgt. Soorten vrijwilligerswerk Binnen het museum zijn allerlei mensen aan de slag. In de zomermaanden, als het museum geopend is voor het publiek, zijn er rondleiders, suppoosten en medewerkers in de horeca actief en uiteraard verschillende ambachtslieden die de apparaten in het museum bedienen. In de wintermaanden is er veel werk in het onderhoud van het machinepark en dan zijn voornamelijk de deskundigen aanwezig. “Het is tegenwoordig verdraaid lastig om de juiste ambachtslieden te krijgen in het museum. De huidige vrijwilligers worden er niet jonger op en zullen te zijner tijd moeten worden afgelost”, vertelt Jansen. “Zo hebben we dringend behoefte aan bakkers voor onze ambachtelijke bakkerij.” Leerplek Om ook de nieuwe generatie, die veel minder opgroeit met techniek, vertrouwd te maken met de oude ambachten, wordt binnenkort een leerplek in het museum gecreëerd. In een nieuw ingerichte ruimte komen enkele stoommachines waar jongeren het vak kunnen leren. Zo hoopt De Wachter ook een nieuwe groep vrijwilligers aan zich te binden. Wat wordt van de vrijwilliger verwacht? Rondleiders gaan met een groep het museum door en kunnen in algemene zin iets vertellen over wat er te zien is. Op de verschillende afdelingen vertellen de ambachtslieden zelf waar ze mee bezig zijn. Op verschillende plekken in De Wachter zitten ook suppoosten. Zij vertellen wat er zoal op hun afdeling te beleven is. In de horeca werken vrijwilligers in de winkel van de bakkerij of in het restaurant van De Wachter. Vrijwilligersvergoeding Vrijwilligers kunnen tijdens hun dienst gratis gebruik maken van de lunch en van koffie en thee en aan het begin van het seizoen krijgen ze een tegoedbon waarmee ze bijvoorbeeld brood kunnen kopen in de bakkerij van De Wachter. Motivatie “Mensen die hier vrijwilliger willen worden moeten het leuk vinden om met mensen om te gaan. Ik geniet zelf van de samenwerking en de gezellige sfeer in dit team. Het werk geeft me erg veel voldoening, vooral als ik merk dat bezoekers met een tevreden gevoel naar huis gaan,” sluit Antje het gesprek af. Met zo’n prachtig museum kan dat ook bijna niet anders. Tekst: Jan de Koning
Lees meer

Het Overweeghuis, een overweging waard

| Vrijwilligersverhalen

Ik ontmoet Ruth in een hotel in de stad. De locatie van het Overweeghuis zelf blijft geheim, om de veiligheid van de bewoonsters te beschermen. In dit huis vinden vrouwen die vastlopen in de prostitutie tijdelijk onderdak. Het huis biedt ze rust, veiligheid en de mogelijkheid om te ontdekken hoe ze hun leven een andere richting kunnen geven. Een burgerinitiatief met hart Doordat de tippelzone en de huiskamer voor prostituees in de Bornholmstraat opgeheven werden, verloren de vrouwen een belangrijke plek waar ze terecht konden voor steun. De gemeente, politie en hulpverleningsinstanties raakten het contact met de vrouwen kwijt. Zij maakten zich zorgen over de (straat)prostituees. In gesprek met ervaringsdeskundigen en betrokken inwoners, is een plan bedacht voor een veilige en kleinschalige plek voor 24-uurs opvang. Hieruit is het burgerinitiatief ontstaan dat het Overweeghuis opgericht heeft. Een gewoon huis met een bijzondere betekenis Van buiten oogt het huis als een normale woning in een rustige wijk. Binnen zijn er een woonkamer, keuken, slaapkamers en het heeft een tuin. Vijf vrouwen kunnen hier tegelijk verblijven en er is een extra crisisplek voor spoedopnames. De leeftijden lopen uiteen van jong tot oud. De vrouwen komen uit Groningen, uit andere delen van Nederland en uit het buitenland. Veel van hen zijn onvrijwillig in de prostitutie terecht gekomen, vaak door dwang, misleiding of armoede. Anderen hebben te maken met verslaving, huiselijk geweld of mensenhandel. Voor velen ontbreekt een netwerk of een andere manier van bestaan. Begeleiding vanuit gelijkwaardigheid Er werken twee professionals van het Leger des Heils als hulpverlener. Zij ondersteunen de vrouwen bij het traject om uit de prostitutie te stappen. De kracht van het huis ligt in de gelijkwaardige benadering: de vrouwen bepalen zelf wat zij willen en nodig hebben. Omdat het geen instelling is, maar een burgerinitiatief, wordt het huis gerund door zo’n 40-50 vrijwilligers. Overdag zijn er steeds twee gastvrouwen aanwezig, ’s avonds en ’s nachts een slaapwacht. De rol van vrijwilligers Als vrijwilliger ben je geen hulpverlener. Je bent aanwezig in de huiskamer voor een praatje, een spelletje, kopje thee, samen wat bakken of om met iemand te wandelen. “Geen dag is hetzelfde” zegt Ruth. “Sommige vrouwen willen veel praten, anderen weinig. Soms zijn ze allemaal op hun eigen kamer en ben ik alleen in de woonkamer en soms zijn ze allemaal in de woonkamer. De ene keer is het heel gezellig. De andere keer is er spanning en soms is er ruzie.” Training en ondersteuning Vrijwilligers starten met een basiscursus. Als vrijwilliger ben je verantwoordelijk voor de sfeer: dat het veilig en vriendelijk blijft. Daar moet je op anticiperen. Je leert de do’s en dont’s over het huis en je krijgt inzicht in hoe je kunt werken met afstand en nabijheid. Er worden ook thema-avonden voor de vrijwilligers georganiseerd. Bijvoorbeeld over seksualiteit en transgender-zijn, trauma’s en wat dat met een mens doet, en over soorten drugs. “In het begin vond ik het wel overweldigend” zegt Ruth. “Het voelt heel verantwoordelijk, terwijl je nog niet precies weet hoe je het kunt invullen als vrijwilliger. Maar door de thema-avonden en contacten met andere vrijwilligers leer je ook weer veel. Buiten kantoortijden is er de bereikbaarheidsdienst. Je kunt altijd iemand bellen bij een vraag of een dilemma.” Betekenis en ertoe doen Ruth werd ooit door iemand uit haar kerk gevraagd om mee te doen. “De situatie van deze vrouwen raakte me. Hoe houden ze dit vol, waar halen ze hun kracht vandaan? Vanuit mijn vrouw-zijn wil ik niet dat dit met andere vrouwen gebeurt. Ik wil een positieve bijdrage leveren aan een plek waar ze weer mens kunnen zijn, niet gezien als probleem, maar als persoon. Ik doe dit al vanaf de oprichting en blijf het ook nog wel een tijdje doen.” Tekst: Yvon van der Laan Geïnteresseerd in een vrijwilligersfunctie bij het Overweeghuis? Bekijk hier de vacature voor Gastvrouw of raak betrokken door het draaien van bereikbaarheidsdiensten .
Lees meer